Berichten

Hoe je beweegt, hoe je lacht, hoe je praat, hoe je denkt, hoe je leeft; alles is vastgelegd in je brein.
Zo’n 90% (sommigen zeggen zelfs 95%) van de dingen die je doet gaat automatisch. Je hoeft er niet meer over na te denken. Het is een gewoonte geworden.

Als kleine dreumes leerde je lopen met vallen en opstaan. Tot je het ineens kon, het gewoon deed en er niet meer over na hoefde te denken.

Gewoontes en automatismen

Zo gaat dat eigenlijk met alles wat je hebt geleerd. Automatismen/gewoontes komen terug in alles wat je doet in je leven. Maar die automatismen/gewoontes hoeven niet altijd handig te zijn, en daar kom je meestal pas achter als je klachten krijgt.

Zit je bijvoorbeeld altijd ingezakt op een stoel en krijg je klachten van rug, nek of schouders? Dan zul je je gewoontehouding moeten verbeteren en een nieuwe gewoonte (rechtop zitten) moeten gaan trainen.

Of

Zit je altijd gespannen op de wc waardoor je niet goed uitplast, zodat je vaak aandrang hebt of terugkerende blaasontstekingen krijgt? Dan zul je op je plashouding moeten gaan letten en ontspannen op de wc gaan zitten. In het begin zul je je steeds bewust moeten corrigeren, tot je ineens merkt dat het vanzelf gaat. Je hebt je een nieuwe gewoonte eigen gemaakt.

Je kunt twee kanten op

Gewoontes en automatismen liggen verankerd in je brein. Wil je een nieuwe gewoonte aanleren, dan moet je je eerst bewust worden van wat je nou eigenlijk doet. Zodat je weet wat er fout gaat. Pas dan kun je je nieuwe gedrag/gewoonte oefenen.
Als je het nieuwe gedrag eenmaal onder de knie hebt, moet je dat steeds vaker doen tot je merkt dat het vanzelf gaat.

Dat veranderen van oude gewoontes en het aanleren van nieuwe gewoontes kan best een lastig proces zijn. Het lichaam wil je namelijk het liefste terug hebben in het oude gedrag, want dat is veilig en bekend.

Ik vergelijk het vaak met twee wegen.

Links is het groene pad, je nieuwe gewoonte. Als je dat pad volgt krijg je een voor jou nieuw en gewenst resultaat.

Rechts is het rode pad, je oude gewoonte. Als je dat pad volgt blijf je doen wat je al deed, met een ongewenst resultaat tot gevolg.

Terwijl jij hartstikke goed je best doet om je een nieuwe gewoonte eigen te maken – een betere houding, elke dag bekkenbodemoefeningen doen, een ander eetpatroon etc. – probeert je brein je steeds terug te leiden naar de oude gewoonte, het rode pad. Dat is veilig en bekend. Als je even niet oplet zit je daardoor weer ingezakt, vergeet je je bekkenbodemoefeningen en eet je ineens die gevulde koek…

Waar wil ik naartoe, zul je wellicht denken…

Ik wil je laten zien hoe moeilijk het kan zijn nieuwe gewoonten aan te leren. En dat je dus niet de eerste de beste keer dat je weer op het rode pad loopt moet afhaken, maar moet doorzetten.
HUP, terug naar het groene pad!
Weersta je oude behoefte en hou in het oog waar je naartoe wilt. Praat jezelf dus geen negatief verhaal aan over dat je het niet kunt, of wat dan ook. Dit hoort gewoon bij het leerproces.

Het enige dat je moet doen is een keuze maken welk pad je wilt volgen en dan dat zijstraatje weer terugnemen naar de juiste route.

Een gezonde bekkenbodem heeft nu eenmaal onderhoud nodig

Vaak hoor ik terug van mijn patiënten dat het in het begin prima ging met oefenen, maar dat ze na een tijdje ineens gingen vergeten dat ze moesten oefenen. De ‘klad’ kwam erin.

Als je net gaat oefenen met je bekkenbodemspieren en leert hoe je ze moet aan- en ontspannen dan lukt het meestal wel om tijd vrij te maken.

Maar als je dat eenmaal kunt moet je blijven volhouden en oefenen om de bekkenbodemspieren op kracht te houden. Anders zullen ze langzaam weer verslappen en komen je klachten terug…
Je zult jezelf een nieuwe gewoonte moeten aanleren: blijven oefenen.

Dus heb je ooit bekkenbodemtherapie gehad of mijn online training gevolgd dan is de laatste stap heel belangrijk: het integreren van de oefeningen in je dagelijkse leven, zodat je ermee bezig blijft.

4 tips om de bekkenbodemspieren te blijven oefenen

  1. Koppel het oefenen aan een vast moment. Het beste werkt het als je je oefeningen koppelt aan een vast moment. Dus altijd voor/tijdens/na het tandenpoetsen. Altijd na het plassen, altijd nadat je bent opgestaan, altijd voor het slapen gaan, altijd voor/na de lunch.
  2. Oefen elke dag zodat het een gewoonte/automatisme wordt.
  3. Oefen minimaal 1x (dus één herhaling).
  4. Vaker aanspannen mag.

Omdat het maar één keer hoeft en vaker mág is de druk niet zo hoog. Zo kun je het dus ook tijdens je vakantie of drukke periode blijven doen. En één herhaling is zo gedaan, dus waarom zou je het dan niet vaker doen…

Ga je ineens weer wat urine verliezen terwijl het een hele tijd zo goed ging? Ga dan weer je oefeningen doen, herpak je goede gewoontes.
Of krijg je weer vaker aandrang? Let dan op dat je het plassen weer wat uitstelt.

Maak eventueel een afspraak bij je bekkenfysio-/oefentherapeut voor een korte update sessie.
En heb je bij mij de online training gevolgd, bekijk dan weer eens de lessen. Ze staan altijd tot je beschikking.

Houd steeds in je hoofd welk doel je wilt bereiken en welk pad je daarvoor moet bewandelen.
Schrijf het voor jezelf op: deze oefening(en) (gewoonte) wil ik weer gaan doen, zodat ik … hier vanaf kom en … dat weer kan.

Ik ben erg benieuwd welke goede gewoontes jij weer gaat oppakken.

Heb je vragen of reacties?
Schrijf ze in het commentaarveld hieronder.

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Succes! groet, Yildiz

druppels urineDan heb ik net geplast, loop ik weg en verlies ik nog druppels urine!

“Ik blijf altijd extra lang zitten zodat ik goed leeg ben en dan nóg verlies ik kort na het plassen wat urine. Hoe kan dat nou?!”

Deze vraag krijg ik heel vaak van vrouwen die in de praktijk bij me komen. Dan vertellen ze ook dat ze vaak gaan plassen zodat ze goed leeg zijn. En toch gaat het steeds mis…

Wellicht is dit voor jou ook herkenbaar?

Je bent wat vaker gaan plassen omdat je merkte dat je minder goed je plas kon ophouden. Je plasjes worden daardoor steeds kleiner en je krijgt steeds sneller aandrang om opnieuw te plassen. En tussendoor verlies je soms wat druppels urine. Heel vervelend, en het maakt je vast steeds onzekerder.

Heel langzaam kom je in een cirkeltje van vaker plassen terecht. Goed opletten waar de wc’s zijn als je ergens bent en dan toch urine verliezen…

Dit is het grote probleem van de bekkenbodemspieren. Problemen komen vanzelf maar gaan zelden vanzelf over

Ik geef je graag onderstaande tips zodat je die druppels urine, die na het plassen komen, kunt stoppen.

Als je kort na het plassen wat druppels verliest heeft dat er meestal mee te maken dat je niet echt goed bent uitgeplast.

Onderstaande tips gaan je zeker helpen om de blaas écht goed leeg te maken.

4 Tips om na het plassen geen druppels urine te verliezen

  1. Juiste plashouding. Zorg voor een juiste plashouding (zie ook video 2 van de gratis video’s).
    Zit rechtop met de voeten plat op de grond.
  2. Kantel je bekken. Na het plassen kantel je je bekken van voor naar achter om de blaas goed te legen.
  3. Bekkenbodem aanspannen. Span na het plassen nog een paar keer je bekkenbodemspieren kort aan. Laat ook weer goed los. Je zult merken dat de laatste druppels er dan nog uitkomen.
  4. Aanspannen en dan pas opstaan. Span voordat je opstaat je bekkenbodemspieren aan om de urinebuis goed af te sluiten.

Heb je bovenstaande tips toegepast tijdens en na het plassen? Dan ben je goed uitgeplast. Je zult merken dat de aandrang om te plassen langer wegblijft. En als het toch snel komt (bijvoorbeeld omdat jouw blaas nog overprikkeld is), probeer dan om het plassen iets uit te stellen. Houd je plas wat langer op.
Wil je daar meer over weten, vraag dan de vier gratis video’s aan en leer alles om urineverlies te verhelpen.

Heb je vragen of reacties?
Schrijf ze in het commentaarveld hieronder.

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Succes! groet, Yildiz

plashoudingEr zijn vele manieren om op het toilet te zitten:

  • naar voren hangend,
  • met een ronde rug naar achter leunend,
  • hangend boven het toilet,
  • met de hielen omhoog, steunend op de tenen,
  • met gespannen benen,
  • met een gespannen buik.

En volgens de afbeelding hiernaast hurken mensen zelfs op de rand van de wc 🙂plashouding

Vaak wordt het toilet gebruikt om te tandenpoetsen of met de telefoon te whatsappen of spelletjes te spelen…

Een juiste plashouding is echter belangrijk om goed uit te plassen. Als je goed uitplast leeg je je blaas grondig en krijg je minder snel aandrang om weer te plassen. Als je goed uitplast heb je bovendien minder kans op blaasontstekingen.

De drie belangrijke onderdelen van een goede plashouding:

  1. Houding
  2. Ontspanning
  3. Stand van de benen

 

?rel=0

 

Houding

Om goed uit te plassen is het belangrijk dat je rechtop zit (de rug mag iets hol zijn). De uitgang van de plasbuis is dan recht naar beneden. Als je rechtop zit kun je dus het beste je blaas legen.

Ontspanning

Plassen doe je door je bekkenbodemspieren te ontspannen. Als je gespannen zit laat je je bekkenbodemspieren onvoldoende los en plas je niet goed uit.
Ga goed op het toilet zitten en laat bewust je buik en bekkenbodemspieren los. Probeer naar je buik te ademen en laat je bekkenbodemspieren los om te gaan plassen.

Als je allerlei andere dingen doet tijdens het plassen, zoals tandenpoetsen of met je telefoon bezig zijn, ben je met je aandacht ergens anders en ontspan je onvoldoende.

Stand van de benen

Bij een goede plashouding zijn de benen ontspannen. Bij gespannen benen span je namelijk onbewust ook de bekkenbodemspieren aan. Zorg dus dat je voeten plat op de grond staan, want dan is het het gemakkelijkst om je benen te ontspannen.
De hoogte van het toilet is ook belangrijk. Als het toilet te hoog is, krijg je je voeten niet plat op de grond. Je gaat je hielen omhoog doen en daardoor krijg je spanning in je benen en je bekkenbodem. Zet zo nodig iets onder je voeten (een klein krukje bijvoorbeeld) zodat je je voeten plat kunt neerzetten, en je je benen en bekkenbodemspieren kunt ontspannen.

Van een verhoogd toilet kom je makkelijke áf, maar voor een goede plashouding is het minder gunstig. Dus: heb je een verhoogd toilet, zorg dan voor een kleine verhoging onder je voeten zodat je die plat op de vloer kunt neerzetten.

 

Wat gaat er bij jou nog niet goed? En waar ga jij vooral op letten?

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Veel succes! groet, Yildiz

plassen wachtenKen je dat?

Dat je moet plassen en dat je achteraan in de rij moet aansluiten tot er een wc vrij is…

En als jij dan eindelijk op de wc zit, staan daar nog heel veel vrouwen te wachten tot ze ook mogen…

Of je zit op het toilet en hoort iemand binnenkomen die even aan de deur voelt of hij vrij is. (Nou, nee dus, want jij zit op dat toilet…)

Wat gebeurt er bij jou in zo’n situatie?

Blijf je rustig zitten en neem je de tijd om te plassen (of ontlasten)? Of ga je wat sneller proberen te plassen zodat de dames na jou ook sneller aan de beurt zijn…?

Wat gebeurt er eigenlijk als je sneller wilt plassen?

Dan ga je duwen omdat je je plas er sneller uit wilt krijgen.
Maar als je duwt dan duw je eigenlijk je plasbuis een beetje dicht…
Waardoor het dus langer duurt voordat al je plas eruit is.
En het zorgt ervoor dat je niet goed uitplast, zodat je al weer heel snel aandrang zult krijgen.

De tijd nemen om te plassen is daarom heel belangrijk.

7 Voordelen van de tijd nemen op het toilet
– sorry alvast voor degenen die wat langer moeten wachten 😉

  1. Als je de tijd neemt om te plassen kun je ook echt goed uitplassen.
  2. Als je de tijd neemt om te plassen kun je na het plassen even je bekken van voor naar achter kantelen zodat het laatste beetje urine eruit kan komen.
  3. Als je de tijd neemt om te plassen kun je na het plassen even je bekkenbodem aan- en ontspannen waarmee je ook het laatste beetje urine eruit laat komen.
  4. Als je de tijd neemt om te plassen kun je na het plassen bekkenbodemoefeningen doen.
  5. Als je de tijd neemt om te plassen kun je zorgen dat je rustig naar je buik ademt zodat je beter je bekkenbodem los kunt laten om te gaan plassen.
  6. Als je de tijd neemt om te plassen kun je na het plassen ook de tijd nemen om de bekkenbodem aan te spannen zodat je goed je urinebuis afsluit als je weer opstaat.
  7. Als je de tijd neemt om te plassen heb je een momentje voor jezelf zodat je je weer kunt opladen voor dat wat je gaat doen.

 

En wat ik dan doe?
Nou, gewoon de tijd nemen.
Rustig plassen en pas als ik helemaal klaar ben kom ik er vanaf.
Want uiteindelijk zit je misschien maar 30 seconden langer op het toilet.
En dat heeft degene die wacht echt niet door.


Welke tip ga jij zeker toepassen? Of heb je nog een tip die jij toepast?
Deel het met me in het commentaarveld hieronder.

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Veel succes! groet, Yildiz