slapen en bekkenbodemGoed slapen, wat heeft dat met de bekkenbodem te maken?

Ik zit niet snel stil, en heb me het afgelopen jaar verdiept in slapen.
Door een (behoorlijk pittige..) bij- en nascholing mag ik me nu zelfs ook slaapoefentherapeut noemen.
Super interessant en zeer toepasbaar in de praktijk zodat ik, naast bekkenbodem problemen, nu ook veel mensen van hun slaapproblemen kan af helpen.

Ja, leuk. Zul je misschien denken. Maar wat heeft slapen nou met de bekkenbodem te maken?

Daar zat ik dus ook over na te denken. En ik kwam op de volgende twee overeenkomsten.

Slapen en de bekkenbodem: overeenkomsten

Overeenkomst één: beide komen heel veel voor

Net als ongewild urineverlies (of een blaas- of baarmoederverzakking) komt slecht slapen heel veel voor.
Chronische slapeloosheid komt voor bij 9-12% van de mensen. Slapeloosheid wordt echter niet bij iedereen gediagnosticeerd; de schatting is dat 30-40% van de mensen een chronisch slaapprobleem heeft.

Ongewild urineverlies komt heel veel voor. De cijfers lopen sterk uiteen, de NHG-standaard voor urine-incontinentie (huisartsenstandaard) beschrijft dat 25-50% van de vrouwen last heeft van incontinentie. Minder dan de helft zoekt daarvoor hulp.

Net als bij ongewild urineverlies wordt er vaak niets aan de oorzaak van het slaapprobleem gedaan.
Bij slecht slapen krijg je een slaappil, en bij urineverlies ga je een inlegverband dragen.

Maar de OORZAAK wordt dus heel vaak niet aangepakt.
Bij ongewild urineverlies (of blaas- of baarmoederverzakking) is dat heel vaak een slappe (of te gespannen) bekkenbodem, een verkeerde houding, een niet ondersteunende ademhaling en slechte opvangtechnieken bij buikdrukverhogende momenten zoals hoesten, niezen en tillen.

Bij slaapproblemen is het heel vaak een verkeerde leefstijl (slaaphygiëne noemen we dat) of een veranderd slaapgedrag door het slechte slapen. Vaak ook zijn er negatieve gedachten ten aanzien van het slapen waardoor zich spanning opbouwt en je weer slecht slaapt.

Overeenkomst twee: schaamte

Een andere overeenkomst is dat er over beide problemen eigenlijk niet wordt gesproken.
Urineverlies vindt men ‘erbij horen’ (wat natuurlijk onzin is, dat weet je wel als je mijn blogs leest en de video’s hebt bekeken. Je kunt heel goed urineverlies en verzakkingsproblemen stoppen) en er is veel schaamte over het probleem.

Na een nacht (weer) slecht slapen krijg je vaak uit je omgeving te horen: “Joh, vannacht lekker vroeg naar bed, dan slaap je het wel weer bij.” Daardoor wordt het onderwerp vaak niet verder besproken…

Maar als dat slechte slapen aanhoudt, heb je toch echt een probleem.

Op de korte termijn leidt slapeloosheid tot de volgende klachten: de prikkelbaarheid neemt toe, je wordt emotioneel labiel en kunt stemmingswisselingen krijgen, je kunt je neerslachtig voelen, je concentratie vermindert, de hoofdpijn neemt toe en er treedt een verhoogde spierspanning op in je lichaam.
Op de lange termijn geeft slapeloosheid zelfs de volgende problemen: een verhoogd risico op verkeers- en werkgerelateerde ongevallen, een verhoogde kans op of handhaving van een depressie, een verminderde werking van het immuunsysteem, verhoogde kans op overgewicht en diabetes, hart en vaat-ziekte, en een verminderde kwaliteit van leven.

Maar wat heeft slapen nou met de bekkenbodem te maken?

Slapen heeft met je balans te maken. Hoe gezonder en fitter je bent, hoe beter je lichaam met pijn om kan gaan, en hoe beter je herstelt.
Als je slecht slaapt, herstel je minder en bouwt je lichaam dus onvoldoende energie op.
Daardoor ben je minder in balans en zul je eerder last hebben van een verzakking, urineverlies of pijnklacht.

Neem als voorbeeld de periode na een bevalling. Door de gebroken nachten is er minder energie voor je lichaam om te herstellen. De opbouwprocessen en herstelprocessen die in je slaap plaatsvinden worden minder aangesproken. Je hebt daardoor veel meer tijd nodig om te herstellen van een bevalling.

Heb je problemen met slapen dan kun je daar eigenlijk heel gemakkelijk wat aan doen.
Over het algemeen hebben slaapoefentherapeuten je binnen 2-4 sessies weer lekker aan het slapen.
Kijk op www.slaapoefentherapie.nl  en vind hulp bij een slaapoefentherapeut bij jou in de buurt.
Er zijn inmiddels 800 slaapoefentherapeuten in Nederland (slaapoefentherapie wordt vergoed vanuit de aanvullende verzekering)!

Ik ben benieuwd wat jouw ervaringen zijn met slecht slapen en problemen in je bekkenbodem. Deel ze met me in het commentaarveld hieronder.

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

 

kou invloed blaasIk vraag regelmatig aan de mensen om mij heen waarover ze willen lezen in dit blog. “Nou,” zei mijn moeder, “ik ben wel benieuwd wat de invloed van kou is op de blaas.”

Dat vond ik wel een goede vraag.
Want heeft kou echt invloed op de blaas?

Natuurlijke reactie op kou

Als je langer in de kou bent, dan koelt je lichaam af. De bloedvaten vernauwen zich, vooral in de huid en je handen en voeten, om zo de warmte te behouden waar het nodig is (de kerntemperatuur op peil te houden). Deze vernauwing van de bloedvaten leidt tot het stijgen van de bloeddruk (je hebt immers evenveel bloed in een kleiner systeem). Om deze bloeddrukverhoging tegen te gaan, gaan je nieren extra vocht afdrijven. En nieren drijven vocht af richting de blaas en daardoor moet je meer plassen.

Het veel moeten plassen als het koud is, is dus een manier van je lichaam om je lichaamstemperatuur constant te houden en de bloeddruk te normaliseren.
Dus ook mensen zonder blaasproblemen moeten vaker plassen als het koud is.

Onderzoek in België

Omdat ik benieuwd was of er ook weleens onderzoek is gedaan naar de invloed van kou op de blaas, ben ik dat gaan uitzoeken. Ik kwam een onderzoek tegen dat aan de KU in Leuven is gedaan. In 2015 hebben ze daarover een artikel gepresenteerd in het toonaangevende ‘European Urology’ magazine.

De onderzoekers ontdekten waarom onze blaas samentrekt als we plots worden blootgesteld aan koudeprikkels. Ze ontdekten een moleculaire koudesensor die voor die reflex verantwoordelijk is.

Koude prikkel

Koud aanvoelende prikkels, zoals met blote voeten op een koude vloer stappen, naar buiten gaan met een gure wind, de vrieskou ingaan en het betreden van de koelafdeling in de supermarkt, kunnen aanleiding geven tot een plotselinge aandrang om te plassen.

Er werd altijd gedacht dat deze aandrang, ontstaan door plotselinge koude, een soort Pavlovreactie was. Dat je lichaam geconditioneerd is om aandrang te geven als er kou of stromend water is.

Het onderzoek dat professor Thomas Voets en zijn collega’s (laboratoria voor ionenkanaalonderzoek en experimentele urologie) deden, geeft echter een andere verklaring.

Plasreflex

Voor het onderzoek brachten ze proefdieren (muizen en ratten) in slaap. Ze gebruikten een dunne sonde om de vullingsgraad en de druk in de blaas van de dieren te meten. Wanneer de blaas voor meer dan de helft gevuld was dienden ze verschillende soorten prikkels toe. Warmte of een pijnlijke prik bleken geen invloed te hebben. Maar bij allerhande koudeprikkels, zoals het blazen van koude lucht of het bevochtigen met aceton, trok de blaas vrijwel meteen samen. Aangezien de dieren volledig onder narcose waren, kon er geen sprake zijn van een Pavlovreactie. Het zou een reflex zijn waar we nog niet van afwisten.

De onderzoekers zijn deze reflex, het samentrekken van de blaas bij koude, gaan onderzoeken.
Ze onderzochten ionenkanalen (microscopisch kleine sluisjes in de celwand) en ontdekten dat een specifiek TRP kanaal (TRPM8) verantwoordelijk is voor de plasreflex. Dit TRP kanaal fungeert als moleculaire thermometer.

De onderzoekers testten ook of dit TRP kanaal met een experimenteel geneesmiddel uitgeschakeld kon worden. Dit lukte, en de koude-plasreflex kon gestopt worden.

In verder onderzoek wordt nagegaan of er (voor mensen) bepaalde stoffen zijn die de werking van TRPM8 kunnen afremmen, zodat mensen met blaasproblemen daar gebruik van kunnen maken.

Kun je iets doen tegen (heftige)aandrang als het koud is?


Zoals je hierboven hebt gelezen ontstaat er bij koude een prikkel in de blaas waardoor je aandrang krijgt.
Maar dat wil niet zeggen dat je dan ook moet gaan plassen!
We hebben gelukkig bekkenbodemspieren en door die aan te spannen houden we de urine tegen.

Wat je moet doen tegen aandrang is hetzelfde, of het nou koud of warm is.
Span je bekkenbodemspieren licht aan (daardoor ontspant je blaas) en zoek afleiding.
Trek warme sokken aan als je de koude badkamer binnengaat, en kleed je met koud weer lekker warm aan!
Zorg dus voor wat voorbereiding, dan heeft de kou minder kans om bij je blaas te komen, en zul je dus ook minder snel aandrang krijgen om te plassen.

Voor dit artikel heb ik gebruik gemaakt van het persbericht dat de KU Leuven schreef over dit onderzoek. Het artikel kun je hier terugvinden.

 

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

groet, Yildiz

aandrangVertrouwen krijgen

Dat advies heb ik het afgelopen jaar veel gegeven.

Vertrouwen krijgen in jezelf.
In je lichaam,
In je bekkenbodem.

Zodat je kunt doen wat je wilt doen.

Het is natuurlijk ook het thema waar we midden in zitten.

Als alles onrustig en onzeker om je heen is heb je vertrouwen nodig.

Vertrouwen dat het weer goed komt.
Vertrouwen dat er weer licht schijnt aan het einde van deze periode.

En ook vertrouwen hebben in jezelf.
Dat je lichaam het aan kan.
Dat je bekkenbodem doet wat hij moet doen.
Dat je je rondje kunt wandelen zonder dat je halverwege moet plassen, zonder dat je dan je urine verliest.
En ook dat je na dat rondje wandelen gewoon thuis komt en op je gemak naar het toilet gaat.
Als dat nodig is.

Vertrouwen dus.

En vertrouwen bouw je op door iets moeilijks in kleine stapjes op te bouwen.
Als jij dus moeite hebt om bij aandrang op tijd het toilet te halen, ga je oefenen om die aandrang uit te stellen. Je traint dan je blaas zodat er steeds meer in kan.
En je brein leert dat je best nog even kunt ophouden als die aandrang komt.
Zo bouw je het vertrouwen in jezelf, en je bekkenbodem op.

Maar dat uitstellen ga je dus wel in kleine stapjes opbouwen.
Je begint met 2 minuten. Als dat een tijdje goed gaat, dan maak je er 5 minuten van.
Als dat een tijdje goed gaat dan maak je er 10 minuten van.
Zo bouw je langzaam het vertrouwen in jezelf op dat als je aandrang krijgt je dat best nog even op kunt houden, tot het tijd is om echt naar de wc te gaan.

 

Blaastraining noemen we dit.

Dus naast het goed leren aanspannen van de bekkenbodemspieren, zodat je vanuit de juiste spieren de plas kunt tegen houden, is het ook belangrijk om de blaas te trainen en het vertrouwen in jezelf op te bouwen.

Wil jij het vertrouwen terug in je lichaam en je bekkenbodem?
Doe dan mee met de online bekkentherapie.

Het overkwam je weer, midden in de groepsles. Bij die ene squat voelde je het: een straaltje, niet veel, maar genoeg om te weten dat je legging niet meer droog is. Je gluurt rond, hoopt dat niemand iets ziet en je doet de rest van de les met halve kracht. Of misschien gebeurde het tijdens het hardlopen, bij die sprint aan het eind van je rondje. Of bij het tillen van een zwaarder gewicht in de fitness, terwijl je je adem inhield om die laatste herhaling te halen.

Je vraagt je af: moet ik nu inleggers gaan dragen in mijn sportbroek? Moet ik stoppen met de dingen die ik leuk vind? En de vraag die je niet hardop stelt: komt dit ooit nog goed? Want je hebt gehoord dat je je bekkenbodemspieren moet trainen. En misschien doe je dat ook al een tijdje, maar verandert het niets aan wat er gebeurt op het moment dat het ertoe doet.

Hier is wat ik je vooraf wil meegeven: urineverlies tijdens het sporten ligt bijna nooit alleen aan zwakke bekkenbodemspieren. Het ligt vaak aan hoe je je hele lichaam gebruikt op het moment dat je kracht zet, en daar zit jouw winst. Ik ben Yildiz van der Zijden, bekkenoefentherapeut, en ik heb in 10+ jaar tijd ruim 98.000 vrouwen online begeleid.

In dit blog krijg je het complete verhaal. Je leert wat je vandaag nog kunt toepassen om meteen minder urine te verliezen. Ik ga in op de vier veelgemaakte fouten tijdens het sporten en hoe je ze herkent.

Hoe stop je urineverlies tijdens het sporten?

Urineverlies tijdens het sporten stop je door op vier belangrijke dingen te letten: blaas uit op het moment dat je kracht zet, sport met een rechte actieve houding, bouw je oefeningen rustig op en luister naar je eigen lichaam in plaats van naar de instructeur. Deze vier veranderingen verminderen de druk op je bekkenbodem direct, zonder dat je eerst bekkenbodemoefeningen hoeft te doen. Daarnaast bouw je de bekkenbodemkracht op met gerichte training (daar help ik je graag bij), zodat hij ook bij zwaardere inspanning automatisch zijn werk gaat doen.

In de praktijk merk ik dat vrouwen die deze vier punten gaan toepassen meestal al meteen fors minder urine verliezen tijdens het sporten. Dat is dus al zonder dat we de bekkenbodem zelf hebben geoefend. Maar controle over de bekkenbodemspier krijgen hoort natuurlijk wel bij de oplossing om helemaal droog te kunnen sporten..

Waarom verlies je urine tijdens het sporten of bij kracht zetten?

Je verliest urine tijdens het sporten omdat de druk in je buik op dat moment groter is dan wat je bekkenbodem kan opvangen. Bij elke beweging waarbij je kracht zet, springt, hoest of duwt, ontstaat er buikdruk die omlaag wil. Als je ademhaling, houding en bekkenbodem goed samenwerken, vangt je lijf die druk op. Als één van die drie het laat afweten, lekt er urine.

In de praktijk merk ik dat de meeste vrouwen denken dat zwakke bekkenbodemspieren de hele oorzaak is. Dat is zelden zo. Veel vaker zit het probleem in de samenwerking tussen je adem, je houding en de spieren rondom je bekkenbodem. Wij zijn geen losse spiergroepen, wij zijn een bewegend geheel.

De rol van je ademhaling

Inademen geeft druk omlaag. Uitademen geeft ondersteuning vanuit je bekkenbodem. Dat is het mechanisme. Zet je je adem vast tijdens kracht zetten, dan duw je je organen letterlijk op je bekkenbodem. Hoe sterk die bekkenbodem ook is getraind, op dat moment is hij niet sterk genoeg om al die extra druk tegen te houden.

Veel sporters zijn tijdens het oefenen heel geconcentreerd op de oefening waarbij de adem wordt ingehouden. Maar als je je adem vast zet dan duw je dus naar beneden. De bekkenbodem kan dit niet tegenhouden en je verliest urine of zet meer druk op je verzakking.

De rol van je houding

Een ingezakte houding vergroot de buikdruk. Zit of sta je met een gebogen rug, dan vergroot je de druk op je organen en bekkenbodem. Een rechte, actieve houding zorgt ervoor dat alle spieren goed samenwerken en dat de bekkenbodem zijn natuurlijke basisspanning heef waardoor hij zijn werk kan doen: De urine en organen tegenhouden. Je houding heeft directe invloed op de spanning in je bekkenbodem, de hele dag door en zeker tijdens het sporten.

De rol van smokkelspieren

Hier gaat het bij veel sportende vrouwen mis. Als je bekkenbodem onvoldoende sterk is nemen andere spieren het over. Je buik gaat harder aanspannen, je billen knijpen extra aan en de binnenkant van je benen gaat meehelpen. Ik noem dit smokkelspieren. Het voelt alsof je iets aanspant, dus je denkt dat je goed bezig bent. Maar je smokkelspieren kunnen geen urine tegenhouden. Daar zijn je buik-, bil- en beenspieren niet voor gemaakt.

De rol van disbalans buik-bekkenbodem

Bij veel vrouwen is er een disbalans in de buik en bekkenbodem. Dat kan komen doordat de bekkenbodem niet geoefend is maar met sporten wel flink de buikspieren worden getraind. Of doordat de sportvorm heel intensief is, zoals bij hyrox of crosstraining, waardoor er veel spanning in de buikspieren komt. De buik is sterker dan de bekkenbodem. En er zit meer spanning in de buik dan in de bekkenbodemspier. Bij bewegen reageert daardoor de buik sneller, de bekkenbodem komt te laat. Het gevolg: bij sporten verlies je urine, of erger, er kan een verzakking ontstaan. Ik zie helaas regelmatig vrouwen in de praktijk die door fanatiek CrossFit of zware krachttraining een verzakking hebben gekregen.

Het verhaal van Ilse

Een paar jaar geleden zat er een vrouw in de praktijk, ik noem haar even Ilse. Ze sportte fanatiek in de fitness, drie keer per week, met flink gewicht. Ze had het naar haar zin, ze voelde zich sterk worden, maar er was één ding dat haar dwarszat: ze verloor urine tijdens haar trainingen.

Mijn eerste vraag was simpel: raak je weleens buiten adem tijdens je oefeningen? Het antwoord was een volmondig: ja. En daarmee wisten we genoeg.

Ik gaf Ilse twee adviezen. Eén: stel je gewichten een tandje lichter in. Want zodra een gewicht te zwaar is, zet je vrijwel automatisch je adem vast om die extra kracht te leveren. Twee: blaas uit op het moment dat je kracht zet. Dus als je het gewicht naar je toe haalt, blaas je uit. Als je het van je af duwt, blaas je uit. Meer niet. Ik liet haar nog geen enkele bekkenbodemoefening doen.

De week erop kwam ze terug. Ze had het toegepast en het urineverlies tijdens de fitness was vrijwel weg. Niet helemaal, maar zo goed als. Dat had ze in al die maanden van trainen niet voor elkaar gekregen, en nu met twee aanpassingen wel. Daarna zijn we verder gegaan met het echte bekkenbodemwerk: eerst leren voelen waar de spieren zitten, dan loslaten en ontspannen, en pas daarna kracht opbouwen.

Waarom helpen alleen bekkenbodemoefeningen niet bij urineverlies tijdens het sporten?

Alleen bekkenbodemoefeningen helpen niet, omdat urineverlies tijdens het sporten zelden alleen aan zwakke bekkenbodemspieren ligt. Het ligt ook aan hoe je je hele lichaam gebruikt op het moment van inspanning: je ademhaling, je houding, je balans, je grenzen. Train je alleen de bekkenbodem en blijf je de rest verkeerd doen, dan blijf je urine verliezen. Pas als je hele lichaam meewerkt, kan je bekkenbodem zijn werk doen.

Dit is het punt waarop mijn aanpak afwijkt van wat veel vrouwen bij de gewone bekkentherapie aangeleerd krijgen. Daar krijg je vaak een setje oefeningen mee naar huis: drie keer per dag aanspannen, twintig herhalingen en opbouwen in zwaarte. Dat is op zich goed, maar het is maar twintig minuten van je dag. De andere drieëntwintig uur en veertig minuten bepalen of je bekkenbodem werkelijk verandert. Hoe sta je in de keuken? Hoe til je je boodschappen? Hoe adem je terwijl je stofzuigt? Hoe ga je om met die ene drukke week waarin je over je grenzen heen werkt?

In de praktijk merk ik dat vrouwen die al een tijdje bij de gewone bekkenfysio zijn geweest vaak vastlopen. Ze hebben braaf hun oefeningen gedaan en zien geen blijvend resultaat. Of de klachten komen na een paar maanden terug zodra het leven weer drukker wordt. Dat komt omdat de oefeningen op zichzelf niet het patroon doorbreken. Je traint een spier, maar je verandert niet hoe je hem dagelijks gebruikt.

Ik ga er in de praktijk altijd vanuit dat bijna iedereen een te gespannen bekkenbodem heeft. Bij vrouwen met urineverlies wordt vaak gedacht: ik heb een slappe bekkenbodem, dus ik moet meer kracht zetten. Dat is meestal niet waar. Veel vrouwen hebben juist al een te gespannen bekkenbodem die niet kan meebewegen op het moment dat het moet. Een gespannen spier kan namelijk niet goed reageren op het juiste moment, want hij staat al continu aan. Daarom is ontspannen de eerste stap, en pas daarna bouwen we de juiste kracht op.

Dit is hoe ik werk

Mijn aanpak werkt in een vaste volgorde. Eerst leer je voelen waar je bekkenbodem precies zit, want zonder dat je voelt waar je bekkenbodemspieren zitten kun je ze niet op de juiste manier aanspannen. Daarna leer je je smokkelspieren herkennen, zodat je niet onbewust je buik, billen of binnenkant van je benen aanspant in plaats van je bekkenbodem zelf. En daar koppelen we het loslaten en ontspannen aan vast. Pas als die drie stappen op orde zijn, gaan we kracht opbouwen, in samenwerking met je ademhaling, je houding en de manier waarop je dagelijks beweegt. Inclusief sporten.

Wat als je fanatieker sporter juist te hard je bekkenbodem aanspant?

Als je tijdens het sporten extra bekkenbodem gaat aanspannen om urineverlies te voorkomen, werkt dat meestal averechts. Een bekkenbodem die continu strak staat, kan namelijk niet meebewegen en op tijd reageren op het moment dat het ertoe doet. Hij moet juist soepel en elastisch zijn, zodat hij snel kan reageren op een sprint, een sprong of een zware tilbeweging. Te veel spanning maakt je lijf stug. En een stug lichaam verliest sneller urine, niet minder.

Hoe herken je dat je te hard aanspant?

Een paar signalen die ik vaak hoor in de praktijk:

  • Je voelt na het sporten een zwaar of zeurend gevoel onderin, alsof je bekkenbodem niet “uit” kan
  • Je urineverlies wordt na verloop van tijd erger in plaats van beter, ondanks dat je harder traint
  • Je hebt vaker aandrang om te plassen na een training
  • Je merkt dat je tijdens andere activiteiten ook onbewust knijpt: bij het tillen van een tas, bij het opstaan, bij het hoesten
  • Je voelt spanning in je bekken, je buik of je binnenkant van je benen die niet wegtrekt na de training

Als je hier meerdere punten herkent, ben je waarschijnlijk te veel aan het aanspannen.

Wat je in plaats daarvan doet

Je bekkenbodem heeft een natuurlijke basisspanning. Als die basis goed is en je houding en ademhaling kloppen, doet je bekkenbodem automatisch zijn werk. Je hoeft hem niet handmatig aan te sturen tijdens elke beweging. Dat is precies het verschil tussen een goed functionerende bekkenbodem en eentje die door overcorrectie vastloopt.

Concreet betekent dit: zorg dat je houding klopt, zorg dat je uitblaast bij kracht zetten, zorg dat je niet over je grenzen heen gaat en laat je bekkenbodem dan zelf zijn werk doen. Pas in heel specifieke situaties, zoals bij een zware tilbeweging, kun je hem licht voorspannen.

In de praktijk merk ik dat dit principe het lastigst is voor de fanatiekere sportsters. Die zijn gewend dat harder werken betere resultaten geeft. Voor hun is het idee dat minder spanning en loslaten juist beter werkt, aanvankelijk heel vreemd en lastig toe te passen. Maar de bekkenbodem volgt niet de logica van een biceps. Een biceps wordt sterker door zwaardere belasting. De bekkenbodem wordt functioneler door goed te leren ontspannen en meebewegen.

7 praktische tips om door te blijven ademen tijdens het sporten

Omdat bij de meeste sportsters de ademhaling het lastigste is, maar wel heel heel belangrijk geef ik je hier onderstaande tips voor. Door blijven ademen tijdens het sporten klinkt eenvoudig, maar in de praktijk gaat het vaakt op het zware moment mis. Als je praat dan adem je uit, dat is het principe. Dus alle tips hieronder komen op hetzelfde neer: blijf geluid maken, blijf bewegen met je adem en je voorkomt dat je je adem onbewust vastzet. Dit zijn de zeven tips die ik in de praktijk het vaakst meegeef.

  1. Tel hardop mee. Doe je een oefening met meerdere herhalingen, tel dan hardop. Niet in gedachten, dat helpt niet. Zachtjes hardop is genoeg. Zolang je telt, blijf je doorademen.
  2. Hak je beweging in tweeën. Bij een wat langere oefening kun je hardop “en één en twee, en één en twee” zeggen. Het ritme houdt je adem in beweging en zorgt dat je tijdens elke fase iets uitblaast.
  3. Zing een liedje. Klinkt gek in de sportschool, maar het werkt. Als er muziek opstaat, zing of neurie mee. Je ademt dan automatisch uit op de juiste momenten en je vergeet niet te ademen.
  4. Maak je oefening niet te zwaar. Pak je iets dat te zwaar is, dan zet je vrijwel automatisch je adem vast om de extra kracht te leveren. Liever twee maatjes lichter en dóórademen, dan zwaar en je adem inhouden. De winst voor je bekkenbodem is veel groter dan de winst voor je biceps.
  5. Blaas uit op het moment van inspanning. Dit is de belangrijkste. Til je iets op, blaas uit. Duw je iets weg, blaas uit. Zet je kracht, blaas uit. Niet andersom, niet vasthouden. Uitblazen is op dat moment je beste vriend.
  6. Plan micropauzes overdag. Tien seconden tot twee minuten, waarin je even bewust naar je buik ademt. Dit doe je niet alleen tijdens het sporten, maar overdag, zodat je ademhaling überhaupt gewend raakt om laag in je buik te zitten → Hoe je goed naar je buik leert ademen, lees je hier.
  7. Laat je buik bewust los. Oefen dit overdag twee tot dertig seconden waarin je actief je buik loslaat zodat je adem helemaal naar beneden kan zakken. Veel vrouwen lopen onbewust met een ingetrokken buik, en dat blokkeert de ademhaling en de bekkenbodem. Loslaten is een vaardigheid die je terug moet leren.

Waarom grenzen aangeven belangrijk is

Tijdens een groepsles stop je urineverlies vooral door je niveau zelf te bepalen in plaats van het tempo van de instructeur te volgen. De taak van de juf of de meester die de les geeft is jou hard te laten werken, te laten zweten en doorzetten. Jouw taak is om naar je eigen lichaam te luisteren. Dat zijn twee verschillende taken.

Dat betekent in de praktijk: stap je in een klasje en je moet lekker aan de bak, maar je merkt aan je lijf dat het er niet aan toe is, doe het dan rustiger aan. Pak lichtere gewichten. Zorg dat de les voor jou klopt. Het gaat erom dat jij sterker wordt en dat jij goed voor je lichaam zorgt, niet dat je het tempo van de groep volgt en braaf naar de instructrice luistert.

Wat doe je rond je menstruatie?

Houd rekening met je cyclus. In de dagen voor je menstruatie is je lijf kwetsbaarder en minder sterk. Wat je op die dagen het beste kunt doen is daar rekening mee houden: iets lichtere gewichten of iets minder herhalingen doen in plaats van maar door te gaan. Dit is precies een moment waarop ik vrouwen in de praktijk zie vastlopen, omdat ze door willen pakken zoals altijd, terwijl hun lijf op dat moment minder aankan.

Conclusie: droog sporten begint bij hoe je je hele lichaam gebruikt

Urineverlies tijdens het sporten ligt bijna nooit alleen aan zwakke bekkenbodemspieren. Het ligt aan hoe je je hele lichaam gebruikt op het moment dat het zwaar wordt. Pas de vier basiselementen die ik hierboven besprak aan, en veel vrouwen, merken dan direct al flink minder urineverlies. Daarnaast ga je gericht aan je bekkenbodem werken, in de juiste volgorde en gekoppeld aan je dagelijkse leven (daar help ik je graag bij). Want oefeningen op de mat zijn maar een klein deel van je dag. De rest van je dag bepaalt of je bekkenbodem werkelijk verandert.

Begin vandaag nog met de gratis bekkenbodemtherapie

Wil je leren hoe je je bekkenbodem op de juiste manier gebruikt, niet alleen tijdens het sporten maar gedurende je hele dag? Dat is precies wat je in mijn gratis bekkenbodemtherapie leert. In vier video’s leer je waar je bekkenbodem zit, hoe je hem op de juiste manier voelt en ontspant, en hoe je hem stap voor stap opbouwt. Meer dan 98.000 vrouwen gingen je al voor.

Ja, ik wil de gratis bekkenbodemtherapie →

opeens verzakkingsklachten“Ik voel ineens van alles ‘daaronder’!

Het kan zijn dat je ineens last hebt van een verzakking.

Dat je nergens last van had maar ineens tijdens het douchen voelde dat er ‘iets’ uit de vagina hing.

Of dat je tijdens het fietsen merkt dat je ‘ergens op zit’.
Of je hebt een drukke periode en fysiek teveel gedaan, en aan het einde van de dag voelt het ineens helemaal zwaar en beurs ‘van onder’.

De meeste vrouwen schrikken hier heel erg van.
Want het is een heel naar gevoel, kan ik helaas uit eigen ervaring vertellen. Gelukkig gaat het met mij nu prima, maar ik kan me nog goed de periode herinneren waarin mijn lichaam totaal niet meer aan kon wat ik wilde. En ik vaak geconfronteerd werd met dat hele vervelende gevoel ’tussen mijn benen’.

Hoe je omgaat met het ineens ervaren van een verzakking is heel verschillend.
Sommige vrouwen stoppen acuut met alles, sommige vrouwen zoeken direct hulp.
Maar de meeste vrouwen wachten af, en durven er niet zo goed over te beginnen bij een (huis)arts of vriendin, zus of buurvrouw.

Ik ben blij dat jij op mijn website bent, want het is belangrijk om iets te doen aan verzakkingsklachten. Vooral omdat je door verkeerd te sporten, tillen of te persen je klachten steeds meer kunt verergeren. En dat is natuurlijk niet de bedoeling!

Er is een richtlijn ontwikkeld voor ‘pelvic organ prolaps’ oftewel blaas of baarmoederverzakkingen, en deze bestaat sinds 2014.

Daarin staat beschreven dat maar liefst 40% van de vrouwen boven de 40 jaar een blaas of baarmoederverzakking heeft…

In deze richtlijn komen drie belangrijke adviezen naar voren als je klachten hebt van een verzakking.

1. train je bekkenbodemspieren
2. leer buikdrukverhogende momenten op te vangen
3. zorg voor een gezond gewicht

Uiteraard zijn al deze adviezen ook onderdeel van de online bekkenbodemtherapie.

Maar ik heb nog meer belangrijke adviezen voor je.
Wil je nog meer lezen over een juist leefstijladvies als je een blaas- of baarmoederverzakking hebt?
Lees dan dit artikel waarin ik bovenstaande adviezen aanvul met mijn eigen adviezen

Hier kun je de tips en leefstijladviezen lezen

Ben je na het lezen van het artikel overtuigd geworden dat het tijd is om je verzakkingsklachten aan te pakken? Geef je dan op voor de online bekkentherapie.

Veel vrouwen doen ontzettend hun best om de bekkenbodemspieren te oefenen.
Zoveel keer per dag, met zoveel herhalingen.

Goed hoor.

Maar als ze dan bij mij komen, of mijn online bekkentherapie volgen, dan merken ze ineens dat ze toch iets niet goed deden…

Ze doen vaak teveel, op de verkeerde manier, met de verkeerde spieren… Met een verkeerd resultaat tot gevolg: nog steeds klachten.

Het gaat er namelijk niet om hoeveel x en hoe vaak je iets hebt gedaan.
Het gaat erom of je het goed hebt gedaan.

En dat weet je alleen als je je heel goed concentreert…
Daarin zit dus de sleutel tot succes.

Concentratie.

En dus niet in hoe vaak je je oefenrijtje hebt afgewerkt. Want dan richt je je op het verkeerde.

De 3 meest gemaakte fouten bij het oefenen van de bekkenbodemspieren

1. Teveel bezig zijn met aantallen

Alleen als je goed geconcentreerd bent, kun je voelen wat je lichaam aan het doen is, en of de spieren wel zo aanspannen zoals je wilt.

Maar wat gebeurt er? De meeste mensen zijn bezig met aantallen.
3 x 10 seconden, bijvoorbeeld.

Ze gaan dan alleen op het tellen letten, en als ze geen zin meer hebben, of moe worden, tellen ze gewoon wat sneller.

Herkenbaar … ?

2. Teveel bezig zijn met het aantal seconden

Vaak gaat het mis als er teveel gelet wordt op een x aantal seconden, omdat ze vinden (of denken, of gehoord hebben) dat ze zolang moeten kunnen aanspannen.

Maar je kunt wel 10 seconden willen aanspannen, maar als na 2 seconden je bekkenbodemspieren vermoeid raken, dan span je de volgende 8 seconden van alles aan, maar niet meer je bekkenbodemspieren. Die zijn allang weer terug in de normale toestand.

3. Teveel bezig zijn met het aantal keren oefenen per dag

Vaak gaat het mis als er teveel gefocust wordt op zo vaak mogelijk oefenen per dag.
Drie keer per dag het liefste, want dat hebben ze ergens gehoord.
Of vinden ze dat ze moeten doen.

Maar drie keer is best vaak…
En als dat dan niet lukt dan ben je teleurgesteld.
In jezelf.

Het oefenen krijgt een negatieve lading.
Je raakt gedemotiveerd, en stopt er maar weer mee…

Herkenbaar…?

ZONDE!
Leg die lat neer waar hij hoort en bij wat haalbaar is voor je.

Kijk naar je dagelijkse leven, op welk moment heb je zeker tijd om te oefenen?
Mooi, dat is moment één.

En stel dat het lukt , welk moment zou dan ook nog kunnen?
Mooi, dat is, àls het lukt, moment twee.
Dat is geen must, maar extra.

En als je dan oefent, dan dus geconcentreerd.
Je moet voelen wat je aan het doen bent.

Liever één minuut geconcentreerd, dan 5 minuten ‘even snel’.

Een mooi voorbeeld

Toen ik laatst een (online) consult had met Monique kwam bovenstaande weer mooi naar voren.

Ze was al even bezig met de bekkentherapie en het ging ook al veel beter, maar ze was nog niet helemaal klachtenvrij.

Ze oefende af en toe een beetje.

Omdat ze toch wel ècht van haar urineverlies af wilde, sprak ze een online consult met mij af.

In de twee weken voor onze afspraak was ze op een vast moment heel geconcentreerd gaan oefenen, èn op haar houding gaan letten.

Toen we elkaar spraken, waren tot haar eigen verbazing haar klachten al twee weken helemaal weg.

Op mijn vraag wat ze anders was gaan doen, waardoor het nu zo goed ging, zei ze “Ik ben eigenlijk precies gaan doen wat je altijd adviseerde”. Ze was dus één keer per dag heel geconcentreerd gaan oefenen.
En tot haar eigen verbazing had het meteen resultaat gehad.

Wil jij ook van je klachten af?

Volg dan de online bekkentherapie.
Je leert geconcentreerd oefenen zodat je echt voelt wat je doet, en je bekkenbodemspieren weer gaan functioneren zoals het moet.
(En voor de adhd-ers onder ons. Één minuut geconcentreerd oefenen is dus al een heel goed begin…!)

 

jouwbekkentherapeutEen speciaal cadeau voor jou!

Wij luisteren thuis veel naar muziek en zingen graag.

Mijn kinderen zitten met heel veel plezier op musical les en als het kan bezoeken we het theater of doen mee aan creatieve activiteiten.

Maar ja, dit jaar is alles even anders.

 

En met pijn in mijn hart zie ik hoe de cultuur sectie ‘op z’n gat ligt’.

Optredens gaan niet door, culturele activiteiten mogen niet te groot en feesten/festivals worden afgezegd.

Toen de zangdocent van mijn zoon vorige week een bericht stuurde dat ze nu serenades geeft, waarbij ze in een kleine thuis setting een aantal liedjes komt zingen voor een bijzondere gebeurtenis, dacht ik:

Ja! Dat lijkt me mooi!

Ik zou zo’n serenade graag cadeau geven aan mijn volgers/lezers/deelnemers van jouwbekkentherapeut.

Dat zijn allemaal mooie mensen die wel iets bijzonders verdiend hebben.

Dus deze week geen tips over een gezonde bekkenbodem maar een cadeau.
Speciaal voor jou, recht uit mijn hart.

Geniet ervan.

 

Met grote dank aan Ruby van Urk voor de bijzondere samenwerking, en het prachtige lied.

 

Het zonnetje schijnt, de lucht is blauw, de natuur ontwaakt.
Het is prachtig buiten.
Maar wij zitten nu veelal binnen…

Dat moet i.v.m de huidige omstandigheden.
Maar dat hoeft niet de hele dag!

 

 

Ik hoor van vrienden en vriendinnen dat ze ineens veel minder bewegen.
Ik hoor het van mijn patiënten.
Ik moet denken aan alle ouderen in woonzorgcentra, de verstandelijke gehandicapten zorg, de psychiatrie die ineens op hun kamer moeten blijven…

Mijn hart breekt ervan..

Maar gelukkig worden er veel creatieve activiteiten georganiseerd zoals een ‘buiten concert’, bingo vanaf je balkon en nog vele andere activiteiten.

Maar laten we alsjeblieft met zijn allen niet vergeten dat wij gemaakt zijn om te bewegen!
Zonder beweging werken onze darmen minder goed, worden onze spieren slap, worden onze gewrichten stijf, gaat ons geheugen achteruit…

We mogen gewoon naar buiten!
Alleen niet met z’n allen tegelijk op dezelfde plek.

Dus maak elke dag een ochtend, lunch, einde van de middag of avond wandeling.
Stap op de fiets en ga een stuk fietsen.

Doe thuis mee met Nederland in beweging.
Doe thuis met je kinderen mee met Nathan Rutjes bij zapp at home (echt een aanrader!)

En denk ook aan je moeder, vader, broer, zus die nu zijn kamer niet uit kan, en geen bezoek mag ontvangen. Bel ze op en ga gezamenlijk Nederland in Beweging doen.
Of probeer samen tijdens het telefoneren te stappen op de plaats.
Maak veel kruislingse bewegingen (bijvoorbeeld linker hand naar de rechter knie en andersom) om de hersens te stimuleren.

Probeer te komen aan dagelijks (minimaal, en het liefst aaneen gesloten) 30 minuten matig intensief inspannen (dat je ademhaling en hartslag omhoog gaan).

Omdat veel darmen aan het vastlopen zijn door het minder bewegen, en de spanning geef ik je graag nog wat extra tips.

8 tips voor een goede ontlasting

1.  Drink voldoende. De dikke darm onttrekt vocht uit je ontlasting; hoe meer je drinkt, hoe zachter je ontlasting kan blijven.

2.  Probeer zoveel mogelijk je toiletritme aan te houden. (ontlasting in de ochtend is een goed moment)

3.  Ontspan. Je ontlasting komt alleen als je je ontspant, en dat kan soms even duren. Neem dus de tijd voor je toiletbezoek.

4.  Gebruik de bekkenkanteling om je darmen te activeren. Kantel naar voren (holle rug) en adem in, kantel naar achteren en adem uit. Doe dit maximaal tien keer. Komt de ontlasting dan niet, blijf dan met een ronde rug zitten en blijf naar je buik ademen. Probeer het na een tijdje nog een keer.

5.  Als je voelt dat de ontlasting eraan komt, blijf dan met een ronde rug zitten. Adem rustig naar je buik. Op de uitademing kun je lichtjes mee duwen om de ontlasting de goede kant op te krijgen.

6.  Nooit persen (d.w.z. op je inademing duwen) om je ontlasting eruit te krijgen! Dit wekt aambeien en verzakkingen in de hand.

7.  Eet voldoende vezels. Je kunt hier een vezellijst vinden.

8.  EN BLIJF BEWEGEN

Zorg goed voor jezelf.
Kun je mijn hulp daar wel bij gebruiken?
Dan help ik je graag. Kijk hier  welke mogelijkheden er zijn.

Hoe je gedachten kunnen bepalen of je bij aandrang op tijd het toilet haalt…

Aandrang

Denken aan wat je niet wilt, daar zijn we met z’n allen best goed in.

Denken aan wat je NIET wilt levert alleen niet zo veel op…

Sterker nog, als je denkt aan wat je NIET wilt krijg je dat juist.

Let maar eens op.

Ik heb een hele leuke opdracht voor je.

Daar komt’íe.

Ik wil dat je de volgende 10 seconden NIET denkt aan een roze olifant met gele sokjes.

En, gelukt??  :-)  :-) 

Zie je dat je hersenen direct gehoorzamen aan de opdracht die je geeft.
Ook al is dat iets dat je niet wilt.

Dat geldt eigenlijk voor alles.

Een mooi voorbeeld had ik zelf toen ik een nieuwe auto ging kopen.

Ik wilde geen zwarte auto, maar een leuk kleurtje.

Doordat ik dacht aan wat ik niet wilde kun je waarschijnlijk wel raden waar ik mee thuis kwam…
Een zwarte auto.
Ik kan mezelf nog voor mijn kop slaan!

Mocht ik toe zijn aan een nieuwe auto dan ga ik dus heel duidelijk formuleren wat ik wel wil.
Verder niet. Dat is niet belangrijk.
Het gaat er alleen maar om wat ik WEL wil.

Misschien denk je, wat heeft dit nu met urineverlies te maken??

Nou, dit is eigenlijk een van de belangrijkste lessen/voorwaarden bij urineverlies en dan met name aandrang problemen.

Positief blijven denken.

Want als je thuis komt met hoge nood en denkt “O,jee, als ik maar op tijd het toilet haal en niet in mijn broek plas

Hoe groot is dan de kans dat dit gaat gebeuren denk je?

Je geeft namelijk je hersenen de opdracht ‘om in je broek te plassen’…

De kans is dus heel groot dat je met hoge nood en de gedachte ‘O jee, als ik maar niet in mijn broek plas’ inderdaad in je broek plast…

Maar als je nodig moet plassen en het positief gaat formuleren krijg je het volgende. “Ik haal droog het toilet, en mijn plas komt pas als ik op het toilet zit”.

Hoe groot is nu de kans dat dit gaat lukken?
Net zo groot natuurlijk, want je geeft je hersens de opdracht om droog in het toilet te komen, en pas te plassen als je zit.

De volgende positieve gedachten kan ook: “ik blijf droog tot ik op het toilet zit” OF “Ik ga het ophouden tot ik op de wc zit “

Concentreer je dus onderweg naar huis op deze positieve gedachten. Het toilet is meestal maar een paar stappen verder dan de voordeur.  Je zult zien dat het nu wel gaat lukken.

Ga maar eens bij jezelf opletten hoe vaak je angstige of negatieve gedachten hebt, en je daardoor de verkeerde opdrachten aan jezelf geeft.

Probeer het negatieve te vervangen door positieve gedachten.
Wat wil je WEL bereiken/doen.

Naast het goed leren gebruiken van je bekkenbodemspieren leer ik je dus graag ook je hoofd goed te gebruiken, zodat je met zowel lichaam als geest op tijd en ontspannen het toilet gaat halen.

Ik ben erg benieuwd naar jouw positieve gedachten.
Schrijf ze in het commentaarveld hieronder.
Je helpt er vele vrouwen mee!

 

aandrang

plashouginIk moest erg lachen toen ik dit plaatje voor het eerst zag.

Verboden om OP het toilet te staan.

In onze ogen ziet dat er een beetje vreemd uit…
Want wie gaat er nou op deze manier plassen?

Maar het is zeker geen grap deze foto.

Het schijnt in Japan of China (dat weet ik dan weer niet precies…) gefotografeerd te zijn.

En hoe raar is het eigenlijk?

Als je kijkt naar de houding van het ‘NO’ plaatje, is het best een natuurlijke houding.

Als je er geen wc bril onder hebt, maar de grond, ergens tussen de bosjes achter een boom is het eigenlijk helemaal niet raar. Maar heel natuurlijk.

‘Wij westerlingen’ zullen dan niet zo snel OP het toilet gaan staan…
Maar veel vrouwen nemen toch heel vaak een andere vreemde houding aan.

Want hoe natuurlijk is het om boven een wc te hangen?

plashouding

Als je boven het toilet hangt… dan is je houding gespannen en zeker niet meer natuurlijk.

Als je lekker doorhangt op je hurken (de ‘NO’ houding) kun je prima ontspannen.

Maar als je in een soort gespannen squat/buk houding boven het toilet gaat hangen om te plassen, spannen juist al je spieren aan!

En met al die gespannen spieren (bij de squat/buk houding zijn dat je bekkenbodemspieren, buik, bil en beenspieren) kun je je bekkenbodemspieren onvoldoende loslaten om goed te kunnen (uit)plassen.

Gevolg: je blaas is niet goed leeg en je hebt al snel weer aandrang om te plassen.

Ik kan me nog heel goed de periode herinneren dat ik met mijn man door Nieuw Zeeland reisde.
Met een huurauto van hostel naar hostel.
Super mooi en vele kilometers afgelegd.

Maar hoe vaak ik wel niet naar het toilet moest onderweg… PFFF
Altijd maar hangen boven de wc…
Want tja, stel nou dat het niet schoon genoeg was.

Op een gegeven moment had ik er genoeg van en besloot ik alleen nog maar te gaan zitten op het toilet. Gewoon een laag wc papier erop, of van die hygiëne doekjes om het schoon te maken.
En lekker zitten tijdens het plassen.

Het wonder geschiedde.
Ik ontspande tijdens het plassen.
Mijn blaas ledigde zich helemaal.
De onnodige aandrang stopte.
En we konden weer heerlijk zonder al die plas stops doorrijden!

 


Wil je weten wat de beste houding is om te plassen en hoe je goed uit moet plassen?

Lees dan ook dit blog over een juiste plashouding.