Voor veel klachten geldt: het gaat vanzelf over. Het komt wel goed, geef het even de tijd.

Voor ongewild urineverlies gaat dat niet op. Urineverlies sluipt er vaak een beetje in.
Heel geleidelijk ontwikkel je een ander gedragspatroon waardoor je iets in stand houdt dat niet vanzelf over gaat…

Urineverlies verhelpen?

Ik geef je voorbeelden van het ontwikkelen van verkeerd gedrag en 6 tips om dit gedrag te veranderen en daarmee urineverlies te verhelpen.urineverlies verhelpen

Er zijn veel vrouwen die na een bevalling moeilijker hun plas kunnen ophouden.
Wat zie je dan gebeuren? Ze gaan vaker plassen. Ze ontwikkelen daardoor een ander plasgedrag, en krijgen minder vertrouwen in het eigen lichaam.

6 tips om urineverlies te verhelpen

TIP 1: Leer je bekkenbodemspieren aan te spannen en train je bekkenbodemspieren. Door een betere controle over je bekkenbodem kun je op het juiste moment je bekkenbodemspieren intrekken en je plas ophouden.

Er zijn veel vrouwen die urine verliezen bij het hoesten, niezen of lachen. Tijdens die handelingen houden ze op verschillende manieren hun plas op: met de benen, billen of buik maar meestal niet vanuit de bekkenbodem… met ongewild urineverlies tot gevolg.

TIP 2: Leer je bekkenbodemspieren aan te spannen op het juiste moment.  Dus niet verkrampen in het hele bekkengebied, maar blijf ontspannen en span vanuit de bekkenbodemspieren aan.

Er zijn veel vrouwen die, door vaker te gaan plassen, een kleinere blaas krijgen. Het gevolg is dat deze blaas zich sneller vult en daardoor krijg je sneller aandrang om te gaan plassen.

TIP 3: Probeer je plas op te houden door je bekkenbodemspieren aan te spannen (uitstellen met 2-10 minuten). De blaas kan zich beter vullen en je traint ook je bekkenbodemspieren.

Er zijn veel vrouwen die door het urineverlies niet meer durven te sporten of vrij te bewegen. Daardoor wordt je lichaam zwakker en verslap je dus ook de spieren rondom je bekken.

TIP 4: Ga bewegen! Kies een bewegingsvorm die bij je past en waar je je prettig bij voelt. Hier geef ik je verschillende voorbeelden van gezonde sporten/bewegingsvormen.

Er zijn veel vrouwen die – om verschillende redenen – het bekkengebied juist helemaal vastzetten: pijn, fanatiek sporten na je bevalling zonder een goede bekkenbodemtraining, vervelende sexuele ervaringen, stress etc.

TIP 5: Zorg voor een gezonde basisspanning in je bekkenbodem. Oefen altijd vanuit een rustige buikademhaling, leer je lichaam en je bekkenbodem te ontspannen en voel meerdere keren per dag even of je benen, buik en billen ontspannen zijn.

Er zijn veel vrouwen die hun klachten voor lief nemen. Die denken dat ‘het erbij hoort’. Maar niets is minder waar. Je kunt altijd starten met het leren aanspannen van je bekkenbodemspieren en daardoor je bekkenbodemspieren onder controle krijgen.

TIP 6: Blijf niet doorlopen met je klachten. Zoek hulp. Dat kan met behulp van mijn online bekkentraining maar ook met een bekkenoefen(/fysio)therapeut bij jou in de buurt.

Wat heb jij gedaan aan je klachten? Of wat doe jij nu om je urineverlies te verhelpen?

En ben je een collega: Welke problemen kom jij vaak tegen in de praktijk en welke tips geef jij je patiënten?

Ik ben benieuwd naar je reactie!

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Succes! groet, Yildiz

Meer drinken en minder plassen: hoe zit dat precies?

Je gaat morgen een dagje weg, naar de stad, een museum of vrienden. En het eerste waar je aan denkt is niet wat je gaat aantrekken. Het is: hoe lang duurt het voor ik bij een toilet kan? Wanneer drink ik mijn laatste slokje koffie? Kan ik beter pas onderweg iets nemen, of helemaal niets tot ik weer thuis ben?

Dat patroon heb je misschien al jaren. Je drinkt expres weinig voor je weggaat. Je plant uitstapjes in je hoofd op basis van wc-locaties. En toch heb je het gevoel dat het alleen maar erger wordt: je moet vaker plassen, niet minder. Hoe minder je drinkt, hoe vaker je toch dat kleine beetje aandrang voelt opkomen.

Hier komt een inzicht wat je zal verrassen: door minder te drinken ga je juist vaker plassen. Niet minder. Mijn naam is Yildiz van der Zijden, ik ben bijna 30 jaar werkzaam als oefentherapeut Cesar waarvan de laatste 17 jaar als bekkenoefentherapeut. Ik zag in de afgelopen jaren meer dan 98.364 vrouwen die met dezelfde gedachten rondliepen als jij nu. En ik kan je zeggen: zodra ze begrepen wat hun blaas eigenlijk doet als ze te weinig drinken, viel er een kwartje. Niet alleen over drinken, maar ook over hoe vaak ze naar de wc gingen, en waarom hun blaas hen continu in de weg leek te zitten.

In dit blog leg ik je uit waarom minder drinken averechts werkt, waarom je zo vaak moet plassen, hoeveel je idealiter per dag drinkt, wat er gebeurt in je lichaam als je weer meer gaat drinken, en wat dit alles met je bekkenbodem te maken heeft. Aan het eind weet je precies wat je vanaf morgen anders kunt doen.

Waarom je door minder drinken juist vaker moet plassen

Door minder te drinken ga je vaker plassen omdat je urine geconcentreerder wordt en je blaaswand prikkelt. Het tegenovergestelde van wat je wilt dus.

Wat er in je lichaam gebeurt: in de lever maak je voortdurend ureum aan, een afbraakproduct van eiwitten. Dat ureum gaat via de nieren naar de blaas en via je urine plas je het uit. Wanneer je structureel te weinig drinkt, kan je lichaam het ureum niet voldoende afvoeren. Er blijft meer ureum achter in je blaas, en daardoor wordt de blaaswand geprikkeld. Het gevolg: je krijgt juist sneller en vaker aandrang om te plassen.

Dit patroon kan jaren voortduren zonder dat je begrijpt waar het vandaan komt. Je drinkt minder omdat je vaak moet plassen. Je gaat vaker plassen omdat je urine te geconcentreerd is. En om dat te compenseren ga je nog minder drinken. Een vicieuze cirkel die voor veel vrouwen pas doorbroken wordt zodra ze het basisprincipe achter dit patroon begrijpen.

Je wilt namelijk geen kleine, geconcentreerde plasjes. Je wilt een grote plas met een goede straal die de bacteriën uit je urinebuis wegspoelt. En dat krijg je alleen als je voldoende drinkt.

Waarom moet ik zo vaak plassen?

Vaak plassen ontstaat meestal door een combinatie van te weinig drinken, kleine plasjes doen waardoor de blaas overprikkeld raakt, en niet goed uitplassen. De blaas wordt geleidelijk kleiner en gevoeliger.

Het is een patroon wat ik vaak zie. Vrouwen die ooit zijn begonnen met “voor de zekerheid even plassen” voor ze ergens heen gingen. Daarna nog een keer. En nog een keer. Dat lijkt onschuldig, maar het zet een kettingreactie in gang. Je blaas raakt door al die kleine plasjes overprikkeld, en er past steeds minder urine in. Je blaas wordt letterlijk kleiner. En een kleinere blaas geeft sneller een seintje dat hij vol is, ook al is hij dat eigenlijk niet.

Wat ook meespeelt: niet goed uitplassen. Wanneer je gehaast plast, je plas eruit duwt of boven het toilet hangt, dan leegt je blaas zich onvoldoende. Er blijft urine achter, en daardoor krijg je al snel weer aandrang. Veel vrouwen denken dat ze door te duwen sneller klaar zijn, maar het tegendeel is waar. Door te duwen druk je je plasbuis juist dicht, waardoor de blaas zich minder makkelijk leegt.

En dan is er nog de invloed van wat je drinkt. Cafeïnehoudende dranken zoals koffie, zwarte thee en groene thee, plus alcohol en koolzuurhoudende dranken (cola, sinas, spa rood) prikkelen de blaaswand. Daardoor krijg je sneller en heftiger aandrang. Veel vrouwen denken dat hun “vaak plassen” komt door alles wat ze drinken, terwijl het vaak vooral komt door wat ze drinken: te veel koffie, te weinig water. Daar lees je meer over in mijn blog over koffie en vaker plassen.

Waarom moet ik zo vaak plassen?

Wat is een gezonde verhouding tussen drinken en plassen?

Gemiddeld plas je 6 tot 8 keer per dag, met een blaasinhoud van 350 tot 500 ml overdag en tot 700 ml in de ochtend. Plas je meer dan 8 keer per dag, of zijn je plasjes structureel kleiner dan 200 ml, dan is dat een teken dat er iets uit balans is.

Een normale blaas kan 350 tot 500 ml urine vasthouden tijdens de dag, en je ochtendplas is meestal je grootste, vaak rond de 500 ml of zelfs 700 ml als je goed hebt doorgeslapen.

Wil je weten hoe het er bij jou voor staat? Dan kun je een plasdagboek bijhouden. Daarmee meet je 24 uur lang hoeveel je drinkt, hoe laat je plast, hoeveel je per keer plast en of je urine verliest. Het is even een gedoetje, maar het geeft je in een dag tijd ongelooflijk veel inzicht. Je kunt namelijk pas iets veranderen aan je plasgedrag als je weet wat je nu eigenlijk doet. Vrouwen die hun plasdagboek bijhouden, zijn vaak verbaasd over wat ze ontdekken: ze plassen veel kleinere hoeveelheden dan ze dachten, of veel vaker, of juist heel weinig.

Belangrijk om te weten: tussen drinken en plassen zit een ritme. Hoe snel je naar het toilet moet na een glas water hangt af van hoeveel je drinkt, wat je drinkt en hoe je blaas op dat moment functioneert. Algemeen geldt dat je binnen 30 minuten tot 2 uur na het drinken iets zult merken. Reageert jouw blaas binnen tien minuten? Dan is dat een teken dat je blaas overgevoelig of overprikkeld is.

Hoeveel moet je per dag drinken?

Je hebt per dag 1,5 tot 2 liter vocht nodig, naast wat je via voedsel binnenkrijgt. Het Voedingscentrum adviseert minimaal 1,5 liter, andere bronnen 1,5 tot 2 liter. Bij warmte of inspanning heb je meer nodig.

Wat ik vaak hoor in mijn praktijk: “ik drink al heel veel hoor”. En als ik dan doorvraag, blijkt dat het vooral koffie of zwarte thee is, soms een paar slokjes water tussendoor. Dat is geen 1,5 liter water. Cafeïnehoudende dranken tellen niet mee als hydratatie, want die werken juist vochtafdrijvend. Je nieren scheiden meer uit dan je via koffie binnenkrijgt.

Een betrouwbare check is de kleur van je urine. Donkere urine betekent dat je te weinig hebt gedronken. Een lichtgele tot bijna heldere kleur is een teken dat je goed gehydrateerd bent. Wacht trouwens niet tot je dorst krijgt: je lichaam geeft pas een dorstsignaal als er al een tekort is.

Voldoende drinken doet trouwens nog meer dan je blaas rustig houden. Het helpt ook nierstenen te voorkomen, omdat je urine minder geconcentreerd is en mineralen daardoor minder snel kristalliseren. Een mooie aanvulling voor wie nog twijfelt of die extra liter water echt de moeite waard is.

En denk niet: dan drink ik morgenochtend ineens 2 liter en dan ben ik er. Dat werkt averechts. Je lichaam kan dat vocht niet efficiënt verwerken en stoot het direct weer uit. Bouw het op. Een half glas water erbij in de ochtend, een halve bij de lunch, een halve na het werk, en zo bouw je rustig op naar 1,5 a 2 liter.

Wat gebeurt er als je weer meer gaat drinken?

In de eerste dagen merk je vaak dat er niets verandert: je blaas vult zich beter, maar je plasfrequentie blijft gelijk.

Dit is het moment waarop veel vrouwen denken: zie je wel, het werkt niet. En toch gebeurt er iets wat van belang is. Je blaas vult zich beter dan voorheen. Het ureum wordt weer goed afgevoerd, je blaaswand raakt minder geprikkeld. Maar omdat je blaas in de afgelopen jaren wat kleiner is geworden, kan hij die grotere hoeveelheid urine nog niet meteen aan, dat heeft tijd nodig. En daarom moet je opletten dat je langzaam de grotere hoeveelheid vochtinname opbouwt zodat je blaas de tijd krijgt om meer vulling aan te kunnen. Je moet het meer drinken dus langzaam opbouwen.

Als je doorzet, ga je geleidelijk grotere plassen doen in plaats van vaker plassen. En precies dat is wat je wilt: een goede, krachtige straal die de bacteriën uit je urinebuis wegspoelt. Dat is ook waarom voldoende drinken je beschermt tegen blaasontstekingen.

Een verrassend bijeffect wat ik vaak terug hoor: vrouwen die overdag rustig opbouwen naar 1,5 a 2 liter, slapen ineens hele nachten door. Geen 02:00-routine meer naar de wc. Dat klinkt tegenstrijdig (meer drinken zou toch tot meer plassen leiden?), maar het werkt zo: omdat je blaas overdag niet meer overprikkeld is, geeft hij ’s nachts ook niet meer voortdurend een vol-signaal. Je lichaam vindt zijn eigen ritme terug.

Een extra tip: wanneer je merkt dat je blaas snel weer aandrang geeft, stel het plassen dan even uit. Begin met twee minuten en bouw rustig op naar vijf, daarna langer. Daarmee train je je blaas weer om meer aan te kunnen, een proces dat we in mijn praktijk blaastraining noemen.

5 tips voor een gezond drink- en plasgedrag

5 tips voor een gezond drink- en plasgedrag

Wat in mijn praktijk consistent het verschil maakt, zijn deze vijf concrete uitgangspunten.

  1. Drink 1,5 tot 2 liter water per dag
    Naast je voedsel. Bij warmte of fysieke activiteit drink je meer. Cafeïne en alcohol tellen niet mee omdat ze vochtafdrijvend zijn.
  2. Bouw rustig op
    Ga je van te weinig drinken naar veel drinken in een keer, dan kan je lichaam het vocht niet efficiënt verwerken. Het stoot het uit en je gaat heel veel plassen. Voeg er per dag een glas bij tot je op je doel zit.
  3. Verdeel het over de dag
    Drink in een keer een halve liter en je blaas wordt overspoeld. Spreid je vochtinname uit van ontbijt tot ongeveer twee uur voor het slapen.
  4. Drink voor je dorst krijgt
    Dorst is een laat signaal: er is dan al een tekort. Maak van drinken een gewoonte, niet een reactie.
  5. Check de kleur van je urine
    Lichtgeel of vrijwel doorzichtig betekent dat je goed bezig bent. Donkergeel betekent dat je meer water nodig hebt.

Wat heeft je bekkenbodem hiermee te maken?

Een te gespannen bekkenbodem houdt je blaas op spanning, waardoor hij sneller een vol-signaal afgeeft, ook al is hij dat niet echt. Veel vrouwen die vaak moeten plassen hebben onbewust een overactieve bekkenbodem, zonder het zelf in de gaten te hebben.

Hoe meer spanning er op je bekkenbodemspieren staat, hoe meer de blaas geprikkeld raakt en aandrang geeft. En andersom werkt het ook: als je de hele dag je plas probeert op te houden of te weinig drinkt, ga je je bekkenbodem onbewust aanspannen, wat de spanning verder opvoert.

Daarom heeft een holistische aanpak meer effect dan alleen anders gaan drinken: je leert ook ontspannen, ademen, je houding verbeteren en de smokkelspieren (buik, billen, benen die het werk van de bekkenbodem proberen over te nemen) los te laten. Dat is precies wat ik in mijn online therapieprogramma stap voor stap aanbiedt.

Veelgestelde vragen – FAQ

Hieronder vind je een aantal van de veelgestelde vragen die ik binnenkrijg.

Waarom plas ik weinig terwijl ik veel drink?
Dat kan verschillende oorzaken hebben. Soms zit het in moeizaam plassen door een gespannen bekkenbodem: je blaas vult zich, maar je krijgt hem niet goed leeg omdat je bekkenbodem niet voldoende loslaat. Een andere mogelijkheid is dat je veel transpireert door warmte of inspanning, waardoor er minder vocht via de blaas hoeft. Plas je structureel veel minder dan je drinkt, of slechts 3 tot 4 keer per dag, dan is dat een teken om actie te ondernemen. Lees daarover meer in mijn blog te weinig gaan plassen.
Waarom moet ik zo vaak plassen, ook als ik weinig heb gedronken?
Dat komt meestal door overprikkeling van de blaas. Door jarenlang kleine plasjes te doen of vaak gehaast te plassen, raakt je blaas gevoelig en geeft hij ook bij weinig vocht al snel een seintje. De combinatie van te weinig drinken (geconcentreerde urine die de blaaswand prikkelt) en een overprikkelde blaas versterkt elkaar.
Hoe lang duurt het voor je moet plassen na het drinken?
Bij een gezonde blaas merk je 30 minuten tot 2 uur na het drinken iets. Reageert jouw blaas binnen tien minuten op een glas water? Dan is dat een teken dat je blaas overgevoelig is. Dat is goed te trainen door blaastraining: het uitstellen van je plas met telkens twee tot vijf minuten extra.
Helpt het om voor het slapen niet meer te drinken?
Ja, met mate. Drink je laatste slokken ongeveer twee uur voor je naar bed gaat, dan heeft je lichaam de tijd om het vocht te verwerken. Sommige mensen hebben meer tijd nodig ‘s avonds en drinken tot drie uur voor het slapen gaan niet meer. Dit is ook uitproberen hoe het voor jou werkt. Maar drink overdag wel voldoende, anders compenseert je lichaam het in de avond met dorst en zwaardere blaasvulling. Een uitzondering: als je zwaar transpireert, geef je lichaam dan voor het slapen wel een extra slokje water mee.
Kan meer drinken overdag helpen tegen ’s nachts plassen?
Ja, in mijn praktijk zie ik dat regelmatig. Het klinkt tegenstrijdig, maar als je overdag te weinig drinkt raakt je blaas overprikkeld, en die overprikkeling neemt hij mee de nacht in. Door overdag rustig op te bouwen naar 1,5 a 2 liter en je blaas vooral overdag goed te vullen, geeft hij ’s nachts minder snel een vol-signaal. Veel vrouwen merken dat ze daardoor weer een hele nacht doorslapen in plaats van slaapdronken naar het toilet te moeten.
Wat doet koffie precies met mijn blaas?
Koffie bevat cafeïne, en cafeïne werkt vochtafdrijvend. Daarnaast prikkelen stoffen in de koffieboon de blaaswand zelf, ongeacht de cafeïne. Daardoor moet je sneller plassen, ook al heb je weinig water gedronken. Wil je toch je kopje koffie? Drink er een glas water bij, en zorg dat het niet je voornaamste drank van de dag is. Lees daarover meer in moet je van koffie vaker plassen.
Mag ik gerust thee drinken?
Kruidenthee zonder cafeïne is prima en telt mee als hydratatie. Zwarte thee en groene thee bevatten cafeïne en werken net als koffie vochtafdrijvend en blaasprikkelend. Maar ook hier geldt weer dat de ene persoon gevoeliger reageert op zwarte thee dan de andere persoon. Probeer het uit. Neem een aantal dagen alleen kruidenthee, en dan eens een keer zwarte/groene thee en ervaar hoe je blaas daar op reageert.
Helpt meer drinken ook tegen blaasontstekingen?
Ja, indirect. Als je voldoende drinkt plas je grotere plassen met een krachtigere straal, die de bacteriën uit je urinebuis wegspoelen. Bij te weinig drinken is je urine geconcentreerd en blijft er sneller urine achter in de blaas, wat een voedingsbodem is voor bacteriën.
Hoe lang duurt het om mijn blaas weer normaal te krijgen?
Dat hangt af van hoe lang het patroon al loopt. In mijn praktijk zie ik dat vrouwen vaak binnen enkele dagen tot vier weken al merken dat ze grotere plassen doen en minder vaak hoeven. Volledig herstel van een gevoelige of verkleinde blaas met blaastraining duurt vaak twee tot drie maanden, soms langer. Geduld en consistentie zijn de sleutel.

Conclusie

Het idee dat minder drinken zou helpen tegen vaak plassen klopt niet, hoe logisch het ook lijkt. Je blaas wordt juist geprikkelder van geconcentreerde urine, en je bouwt onbewust een patroon op van kleine plasjes en een overprikkelde blaas. De oplossing is precies het tegenovergestelde: rustig opbouwen naar 1,5 tot 2 liter water per dag, het verdelen over de dag, niet elk klein aandrang meteen volgen, en goed uitplassen als je naar de wc gaat.

Wat ik de afgelopen tientallen jaar als bekkenoefentherapeut keer op keer terug zie: het zijn niet alleen de gewoontes rond drinken die het verschil maken, maar het totaalplaatje. Hoe je ademt, hoe je zit op het toilet, hoe gespannen je bekkenbodem onbewust is, hoe je leert om de aandrang vanuit je brein niet meteen op te volgen. Dat is wat ik bedoel met holistisch werken.

Wil je weten hoe je dit zelf gestructureerd aanpakt? Start dan met mijn gratis bekkenbodemtherapie. In vier video’s neem ik je mee in de basis: hoe je bekkenbodem werkt, hoe je leert ontspannen, wat een gezonde plashouding is en hoe je grip krijgt op aandrang. Meer dan 98.364 vrouwen gingen je voor.

Ja, ik wil de gratis bekkenbodemtherapie →

Wist je dat je heel gemakkelijk je bekkenbodemspieren kunt trainen?

Ja, ja, zul je wel denken…

Echt waar!
Het is heel gemakkelijk.

Ga maar eens rechtop zitten.
Zo, nu zijn je bekkenbodemspieren aan het werk.

Zo simpel?

Ja, zo simpel kan het zijn.

Als je rechtop zit heeft je bekkenbodem namelijk een gezonde, actieve spanning.

Oké, je moet er dus wel iets voor doen… namelijk rechtop zitten zonder tegen de leuning te steunen, met je voeten plat, recht onder je knieën.

Maar heel ingewikkeld is dit niet, toch?

Doe het maar eens.
Kom maar eens rechtop zitten, op het voorste gedeelte van je stoel.

Misschien voel je nu al dat je bekkenbodem zich vanzelf aanspant.
Zak ook maar eens in elkaar.
Misschien voel je nu dat je bekkenbodemspieren slap zijn.

Om het je iets gemakkelijker te maken, kun je ook rechtop gaan zitten met steun van de rugleuning. Ook als je met een rechte rug tegen de stoelleuning zit heb je een betere spierspanning in je bekkenbodemspieren dan als je onderuitgezakt zit.

Maar om het verschil te voelen tussen een gezonde en een slappe spanning in de bekkenbodem, kun je beter rechtop zonder leuning gaan zitten.

Als je rechtop zit krijg je door de aanspanning van de spieren om je bekkenbodem heen (bijvoorbeeld je rugspieren) vanzelf ook een aanspanning van je bekkenbodemspieren. Alle spieren in je lichaam werken nou eenmaal met elkaar samen.
Waardoor je dus vanuit je houding je bekkenbodem activeert.
Er ontstaat nu een juiste basisspanning.
Dit is dus een hele mooie eerste stap als je je bekkenbodemspieren moet trainen!
Maar ook als je je bekkenbodemspieren actief wilt houden.

Is dit dan de oplossing van je probleem?

Nee, natuurlijk niet.

Maar het is wel een mooie eerste stap om je bekkenbodemspieren te activeren.

De andere praktische oefeningen leer ik je in mijn online bekkenbodemtherapie.

Maar als eerste kleine stap kun je bovenstaande eens gaan proberen.


Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

 

PlashoudingEen tijd terug kreeg mijn moeder een nieuwe knie, en omdat ze lang duizelig was mocht ze de eerste dag na de operatie niet uit bed. Dat is natuurlijk vervelend maar ook heel onpraktisch als je naar het toilet moet…

Gelukkig ging het de dag erna beter en hoefde ze niet meer zittend/liggend te plassen. Maar inmiddels was er alweer een dag voorbij dat de ontlasting niet gekomen was. En eenmaal thuis was het al drie dagen dat de ontlasting niet gekomen was… Hoe langer de ontlasting in je darmen blijft, hoe harder het wordt en hoe lastiger het eruit komt. Voor je het weet heb je obstipatie…

Toen mijn moeder met obstipatie en flinke buikkrampen op het toilet zat, was ze me dan ook enorm dankbaar voor mijn ‘poeplessen’. Ontspannen zitten met een ronde rug en rustig naar de buik blijven ademen. Zo, dat lucht op!

Waarom ik dit vertel? Omdat de vakantie eraan komt of misschien voor jou al begonnen is.
En dan gebeurt er vaak hetzelfde als wat mijn moeder overkwam. Je bent op een andere plek, je eetritme verandert, je moet even wennen aan de omgeving en het toilet en voor je het weet zijn er twee, drie dagen voorbij dat je niet naar de wc bent geweest…
Buikpijn doordat je niet naar het toilet kunt, kan je vakantie flink verpesten. Daarom geef ik je graag onderstaande tips.

Obstipatie op vakantie: 10 tips die je zeker gaan helpen!

  1. Drink voldoende. De dikke darm onttrekt vocht uit je ontlasting; hoe meer je drinkt, hoe zachter je ontlasting kan blijven.
  2. Probeer zoveel mogelijk je toiletritme van thuis aan te houden. Er zijn ochtend en avondpoepers, en het beste ga je na een maaltijd.  Na een maaltijd ontstaat de gastrocolische reflex: deze zorgt ervoor dat de darminhoud naar de uitgang wordt geduwd
  3. Zet je over je schroom voor een ander toilet heen. Neem eventueel wc-brildoekjes mee, hoesjes die je op de bril legt.
  4. Neem eventueel schoonmaakdoekjes mee om de wc-bril schoon te maken. (Wel daarna in de prullenbak gooien!)
  5. Ontspan. Om te kunnen ontlasten moet je letterlijk loslaten, en dat kan alleen als je je ontspant. En die ontspanning kan soms even duren. Neem dus de tijd voor je toiletbezoek.
  6. Gebruik de bekkenkanteling om je darmen te activeren. Kantel naar voren (holle rug) en adem in, kantel naar achteren en adem uit. Doe dit maximaal tien keer. Komt de ontlasting dan niet, blijf dan met een ronde rug zitten en blijf naar je buik ademen. Probeer het na een tijdje nog een keer. In dit blog kun je een video met uitleg vinden.
  7. Als je voelt dat de ontlasting eraan komt, blijf dan met een ronde rug zitten. Adem rustig naar je buik. Op de uitademing kun je lichtjes mee duwen om de ontlasting de goede kant op te krijgen.
  8. Nooit persen (d.w.z. op je inademing duwen) om je ontlasting eruit te krijgen! Dit wekt aambeien en verzakkingen in de hand.
  9. Eet voldoende vezels. Je kunt hier een vezellijst vinden.
  10. Relativeer die bacteriën op de wc-bril; een vaatdoekje schijnt vele malen meer bacteriën te bevatten…

Kun je de lijst nog verder aanvullen. Wat zijn jouw tips?
Fijne vakantie!

 

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Je kent het wel.

Je bent druk met van alles en voor je het weet lig je ’s avonds in bed en denk je “Oja, ik had nog moeten oefenen…
Morgen dan maar.
Oh nee, dat kan niet want dan heb ik een drukke dag. De dag daarna, dan moet het wel lukken…”
En voor je het weet is de week voorbij en heb je niks aan je oefeningen gedaan.

Of je gaat fanatiek aan de slag en wilt elke dag gaan oefenen, maar na een week merk je dat het maar twee keer gelukt is. Je hebt jezelf teleurgesteld en stopt er maar helemaal mee…

Niets menselijkers dan bovenstaande voorbeelden.
Dagelijks hoor ik van mijn patiënten hoe lastig het is om te oefenen.
En ja, dat is het ook! Daarom help ik je graag op weg.oefenen

5 Tips die je helpen te gaan oefenen (en het vol te houden…)

TIP 1 Je oefent voor jezelf! Bedenk: je oefent niet voor mij of voor je therapeut. Jij hebt klachten en wilt daar van af.

TIP 2 Hoeveel oefenmomenten per week zijn haalbaar voor jou? Stel een haalbaar aantal oefenmomenten in. Vaak verzandt het oefenen door te veel enthousiasme. Je wilt te veel, en als het dan niet lukt geef je op. Dus: wat is er WEL haalbaar?
Hoe vaak in de week is het haalbaar om te oefenen? Ik heb liever dat je drie keer heel goed oefent, dan dat je je voorneemt elke dag te oefenen en als dat niet lukt er dan gefrustreerd mee stopt. Of dat je een paar keer even snel tussendoor oefent, waardoor je eigenlijk de verkeerde spieren traint. Als je met je bekkenbodem oefent moet je je nu eenmaal goed concentreren. 

TIP 3 Wat is voor JOU een handig moment om je oefeningen te doen? Kijk goed naar het moment waarop jij het beste kunt oefenen. Als dat moment namelijk voorbij is, gaat het oefenen je vaak niet meer lukken. Als blijkt dat je het beste kunt oefenen in de ochtend, en je doet dat niet, dan zal het je de rest van de dag waarschijnlijk niet meer gaan lukken.

TIP 4 Zorg dat je een vast ritme krijgt.  Maak concreet wanneer je gaat oefenen. Welke dagen en op welk tijdstip? Zet het in je agenda of stel een herinnering in op je telefoon. Als je eenmaal begonnen bent en je hebt je ritme te pakken, dan gaat het meestal gewoon vanzelf. 

TIP 5 Wat is jouw doel? Wat wil je weer kunnen? Waar doe je het voor? Zorg dat je een doel hebt. Waarvoor oefen je? Wil je weer kunnen hardlopen (zonder urineverlies)? Wil je als je in gezelschap bent niet constant naar de wc moeten? Wil je gewoon lekker een dagje weg zonder bang te hoeven zijn dat je je moet verschonen? Wil je gewoon lekker kunnen lachen zonder… ga zo maar door. Iedereen heeft wel een eigen doel voor het oefenen. Als je dat doel voor ogen houdt is oefenen opeens helemaal zo moeilijk niet meer!

Welke van bovenstaande tips ga jij toepassen? Of heb jij nog andere tips die jou helpen om je oefeningen te doen?
Laat het me weten in het commentaarveld hieronder.

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

 

Verkeerde gewoontes

Als je klachten hebt in je bewegingsapparaat (je lichaam), ga je onbewust op een andere manier bewegen. Het lichaam past zich aan.

Deze aanpassing (adaptatie) is grotendeels toevallig.

Wanneer hij blijkt te voldoen zal je lichaam blijven kiezen voor deze aanpassing.
Echter, deze aanpassing heeft meestal alleen op de korte termijn een positief effect.
Als je lichaam de aanpassing blijft uitvoeren (het wordt een nieuw automatisme), zullen langzaam nadelen optreden.

Bij rugpijn bijvoorbeeld, gaan de rugspieren zich harder aanspannen om de rug te beschermen. Maar: je buikspieren schakelen zich zo uit.
Als je lichaam dit nieuwe automatisme in stand houdt, krijg je dus steeds meer spanning in je rug en je buikspieren spannen niet meer aan.
Met als gevolg: rugpijn én een slappe buik. Je moet dan weer leren om je buikspieren sterker te maken en ze aan te spannen tijdens je dagelijkse bezigheden, zodat ze je rug weer kunnen ondersteunen.

Bij de bekkenbodem gebeurt dit ook.20131009Plassen Als je urine verliest of je merkt dat je minder goed je plas kunt ophouden, dan ben je geneigd om veel spanning op te bouwen in het gehele bekkengebied (buikspieren, bilspieren en bekkenbodemspieren). Maar als je dit lange tijd volhoudt, zet je je bekken vast en dan kunnen je bekkenbodemspieren hun functie niet meer uitoefenen. Ze kunnen dan niet meer op het juiste moment aanspannen, met urineverlies tot gevolg.

Je aanpassing (adaptatie) heeft voor een nieuwe gewoonte (automatisme) gezorgd. Als je bijvoorbeeld moet plassen of hoesten/niezen span je veel te veel vanuit je buikspieren aan in plaats van uit de bekkenbodem. Je gaat dan duwen vanuit je buik, met het gevolg dat je je urine er juist uitduwt…

7 Stappen om te komen tot een goede bekkenbodemspanning

  1. Leer je bekkenbodemspieren aan- en ontspannen.
  2. Verbeter de coördinatie van je bekkenbodemspieren.
  3. Verbeter de controle over je ademhaling zodat je je adem niet vastzet, maar vanuit ontspanning gebruikt voor een juiste bekkenbodemspanning.
  4. Ga je bekkenbodemspieren sterker maken.
  5. Leer je lichaam op een juiste en ontspannen manier te gebruiken. Leer een goede houding tijdens het staan, zitten, bukken en lopen.
  6. Train de spieren rondom je bekken zodat ze de bekkenbodemfunctie kunnen versterken.
  7. Blijf je oefeningen volhouden zodat je bekken(bodem)spieren actief blijven.

Deze zeven stappen volg je ook als je mijn bekkentraining doorloopt. Deze stappen zijn niet leeftijdsafhankelijk. Als je klachten hebt van urineverlies of verzakking zul je al deze stappen moeten beheersen om van je klachten af te komen. Daarom zijn vrouwen van alle leeftijden (20-90 jaar) de training aan het volgen.

Deel dit artikel gerust met de vrouwen om je heen.
En heb je vragen, stel ze gerust. Dat kan hieronder of via het contactformulier.

Ja, hoeveel past er eigenlijk in een blaas? In mei waren wij op vakantie bij een melkveehouderij in Mill. Een superleuke week waarbij we veel van het boerenleven hebben gezien. We hebben de geboorte van een kalfje gezien en er werd een stierentweeling geboren, heel schattig. Maar één van die stiertjes kon niet staan… dus wij besloten het ‘therapie’ te geven.

Regelmatig kwamen we even in de stal en wreven dan stevig over zijn pootjes en bewogen zijn pootjes heen en weer. Als hij zelf een poging deed om te gaan staan, dan hielpen we hem, maar zodra we loslieten viel hij om… Na een paar dagen bleef hij ineens wel staan en toen moest dat arme stiertje toch plassen! Niet normaal meer. Volgens mij heeft hij wel meer dan ’n minuut staan plassen.

Het is natuurlijk niet gezond als je blaas zich zo vult om zo’n enorme plas te doen.
Dat geld ook voor mensen. Maar hoeveel past er nou eigenlijk in een blaas?

Een normaal blaasvolume is 350-500 ml.blaas

De ochtendplas is meestal het grootst, rond de 500 ml, en overdag is de plas iets kleiner, rond de 350 ml.

 

 

 

Hoe weet je nou hoe groot je blaasinhoud is?
Dat kun je meten met behulp van een mictiedagboek. Je houdt dan 24 uur bij hoeveel je plast (dit meet je door in een maatbeker te plassen), hoeveel je drinkt en hoeveel urineverlies je hebt.
Ik heb hier een mictiedagboek bijgevoegd. Het is interessant om het eens bij te houden en geeft je veel informatie. Als je wilt kun je je dagboek kopiëren en naar mij mailen, dan kan ik er naar kijken en je feedback geven.

En hoe ging het verder met dat stiertje? Aan het einde van de week dartelde hij vrolijk in het rond! Dankzij onze therapie, volgens de kinderen. Ik denk stiekem dat het moeder natuur is die hem langzaam zijn krachten heeft gegeven…

In deze video leg ik er nog meer over uit.

Heb je vragen, stel ze gerust hieronder of stuur me een mail.

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Succes! groet, Yildiz

sporten met verzakking urineverliesSporten is natuurlijk heel belangrijk.
Maar als je last hebt van een baarmoederverzakking of ongewild urineverlies is het kiezen van de juiste sport extra belangrijk.

Voor mij is het zoeken van een juiste sport echt een zoektocht geweest.

Ik heb mijn hele leven actief aan hardlopen gedaan, maar na mijn bevalling kon ik dat ineens niet meer…
Dat was heel heftig, kan ik je vertellen.

Hardlopen was een uitlaatklep om lekker de spanning uit mijn lijf te rennen. Toen dat niet meer kon, zat ik met al die spanning in mijn lijf…

Na mijn eerste bevalling heb ik (naast mijn bekkenbodemoefeningen) veel gewandeld en aquarobics gedaan. Na mijn tweede bevalling ben ik (naast mijn bekkenbodemoefeningen) weer veel gaan wandelen en ben ik gaan fitnessen. Én ik ontdekte het skaten.
Wauw, dat was leuk!
Ik ben niet zo’n waaghals en mijn man dacht dat het me nooit zou lukken… maar ik ben gewoon begonnen, veilig in de tuin :-)

Van de ene muur naar de andere, 6 meter heen en 6 meter terug; één keer afzetten en ik was er :-)  Maar het was een prima oefening om de eerste balans onder de knie te krijgen, en ik had geluk dat onze tuin net opnieuw betegeld was, dus ik had een ideaal oefenbaantje.
Met een vriendin heb ik toen een skatecursus gedaan, want goed leren remmen is wel fijn als je steeds harder gaat. En omdat het steeds beter ging maakte ik mijn rondje groter en kon ik heerlijk door de omgeving crossen op mijn skates. Super!

Ondertussen had ik meerdere pogingen ondernomen om ook weer wat te hardlopen.
Helaas mislukte dit steeds, doordat ik dan te enthousiast werd en net weer te veel deed.
Langzaam maar zeker werd ik een beetje huiverig voor het hardlopen…
Maar ja, ik wilde toch ook heel graag gewoon weer een rondje rennen! 

Wat ik steeds probeerde werkte niet, daarom ben ik het anders gaan aanpakken.
Ik liet mijn horloge thuis zodat ik op gevoel moest gaan lopen en niet te lang doorging omdat mijn hoofd dat nog wilde.
En een grote verandering was dat ik schoenen aantrok ZONDER demping. Barefootschoenen. Door die schoenen móest ik luisteren naar mijn lichaam, want als ik te veel deed kreeg ik pijn in mijn voeten…

Elke keer als ik ging hardlopen begon ik met flink wandelen om mijn voeten en bekkenbodem te activeren. En af en toe liep ik dan een stukje hard – ik denk dat ik begon met 30 seconden – dus écht op gevoel. Met kleine stapjes ging ik vooruit.
Ik ben daarnaast ook heel erg op mijn hardlooptechniek gaan letten. Dit hielp me enorm, waardoor ik veel gemakkelijker en langer kon hardlopen. JOEPIE!
Inmiddels loop ik twee keer in de week hard en daar voel ik me heel goed bij. (En ik skate regelmatig nog een rondje, want dat blijf ik heel leuk vinden :-) )

Wil jij ook succesvol het hardlopen oppakken lees dan de tips in dit blog.   

Bekkenbodemproof sporten

Hieronder zet ik op een rijtje wat nog meer goede sporten zijn om te doen.
Uiteraard is deze lijst niet volledig. Doe jij een sport waar je veel baat bij hebt, laat het me dan weten.

Wandelen

Altijd goed. Heerlijk in de buitenlucht, en als je er flink de pas inzet ook nog goed voor de (spier)conditie. Geschikt voor alle leeftijden.

Let op: Als je last hebt van een verzakking, houd dan wel in de gaten dat je binnen je grenzen blijft. Vraag jezelf af: hoe lang kan ik lopen zonder dat ik last heb?
Houd deze tijd aan en bouw dan langzaam op.

Wil je werken aan je wandeltechniek waardoor je nog efficiënter loopt en actiever je spieren gebruikt? Maak dan een afspraak bij een oefentherapeut Cesar/Mensendieck. Of volg een cursus ChiWalking.

Pilates

Pilates is een oefenmethode voor het hele lichaam. Er wordt geoefend vanuit het centrum van je kracht (‘powerhouse’ noemen ze dat bij Pilates). De oefeningen worden vanuit een rustige ademhaling gedaan, wat de concentratie en de controle over de oefeningen vergroot.

Pilates heeft veel overeenkomsten met de oefentherapie en de oefeningen die ik je leer in de online bekkentraining. Pilates is dan ook een goede bewegingsvorm om je bekken en bekkenbodemspieren in conditie te houden.

MedicalKinetics

MedicalKinetics is een hele prettige bewegingsvorm. Het is een nieuwe bewegingsleer waarvan de oefeningen gebaseerd zijn op de natuurlijke, dagelijkse bewegingen.
MedicalKinetics is ontwikkeld vanuit de nieuwste inzichten op biomechanisch en medisch-wetenschappelijk terrein en bestaat uit het aanleren van totaalbewegingen, die zo zijn samengesteld dat bij elke oefening het gehele lichaam wordt aangesproken op stabiliteit, kracht en soepelheid.

Door het unieke, uitgebalanceerde programma werkt MedicalKinetics niet alleen op het fysieke deel van het lichaam maar omvat het systeem de gehele mens.

MedicalKinetics wordt gegeven door oefentherapeuten Cesar/Mensendieck 

Fitness

Fitness is een prima manier om je kracht en conditie op te bouwen.
Let wel altijd op dat je de oefeningen met een juiste houding uitvoert en niet te zwaar traint.

Zwemmen en aquarobics

Zwemmen en aquarobics zijn prima om te doen. In het water staat er minder druk op de bekkenbodem en op deze manier kun je dus prima je lichaam in conditie krijgen/houden.

Sportschool groepslessen

In sportscholen worden veel verschillende lessen gegeven. Start met een low-impact les, daar heb je de minste kans op springoefeningen. Vraag het ook even goed na voordat je een les gaat volgen.

En heel belangrijk: luister niet al te goed naar de juf/meester… Meestal is de dame/heer die de les geeft enorm fanatiek en wil die je telkens motiveren om iets nógmaals en nóg zwaarder te doen. NIET DOEN! Hiermee forceer je jezelf en loop je de kans dat je meer klachten krijgt. Gewoon lekker meedoen en als je voelt dat het genoeg is, dan stop je even.

Yoga

Yoga kan heel goed voor je zijn, maar bij sommige vormen moet je best lang in een houding staan, waardoor de druk op de bekkenbodem kan toenemen.

Ook hierbij is het dus belangrijk om goed naar je eigen lichaam te luisteren.
Wordt het te zwaar en ga je je adem vastzetten, kom dan gewoon eerder uit de houding.
(Heb jij toevallig veel verstand van Yoga en zou je voor mijn website een stukje willen schrijven over Yoga en de bekkenbodem? Neem dan contact met me op.)

Skaten

Prima om te doen. Door de glijbeweging heb je weinig druk op je bekkenbodem.
Voor mij was skeeleren echt een uitkomst. Ik kwam weer eens wat verder dan mijn rondje wandelen, ging lekker hard, mijn ademhaling ging wat omhoog en mijn been-, heup-, bil-, buik- en rugspieren werden getraind.

Sporten waarbij veel gesprongen wordt of de buikdruk stijgt zijn minder aan te raden.

Hardlopen, volleybal, tennis, hockey…

JA MAAR, ik wil weer zo graag!!
Zorg dan dat je begint met het op orde krijgen van de kracht van de bekkenbodem, de bekkenspieren (buik, bil, heup, rug) en start dan heeeel rustig. Gewoon een stukje wandelen en dan een stukje rennen.
Door eerst stevig door te wandelen bouw je een goede voorspanning op in je bekkenbodemspieren. Probeer dan stukjes hard te lopen (zonder klok, gewoon op gevoel!) en wissel het af met stukjes wandelen.
Bouw dit RUSTIG op.

En denk ook eens na op wat voor schoenen je loopt… Ik kan weer hardlopen dankzij barefoot schoenen (Vibram fivefingers). De schoenen hebben me gedwongen om rustig op te bouwen, mijn techniek aan te passen en te luisteren naar mijn lichaam. ChiRunning is een absolute aanrader om efficiënt en blessurevrij hard te lopen.

Rustig opbouwen en goed luisteren naar je lichaam zijn de sleutels tot succes!

 

Deze lijst is nog lang niet compleet en ik ben dan ook erg benieuwd wat voor sport jij doet, of wat jou geholpen heeft om weer fit te worden. Laat het me weten in het commentaarveld hieronder. 

 

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Succes! groet, Yildiz

Zou het bij mij ook werken, die oefeningen?

photo-montage-556806_640Vrouwen vragen regelmatig: “Kan ik op mijn leeftijd nog van mijn urineverlies afkomen?” 
Mijn antwoord is: ja. Want dat bewijzen de vrouwen die ik in mijn praktijk behandel en die de online training met urineverlies oefeningen doorlopen.

Dat het vak bekkenbodem(oefen/fysio)therapeut nog niet zo lang bestaat, zie je terug in de leeftijdscategorieën van vrouwen die klachten hebben.

Ontwikkeling van de bekkentherapie

Zo’n 30 jaar bestaat het vak bekken(oefen/fysio)therapeut nu. In die 30 jaar is de kennis enorm toegenomen, en is het taboe rondom urineverlies en verzakkingsklachten heel langzaam kleiner aan het worden.

De vrouwen die 30 jaar en langer geleden kinderen kregen hebben dus zo goed als geen uitleg gekregen over de bekkenbodemspieren en hoe ze die spieren moesten trainen. In deze groep zie je een enorm hoog aantal vrouwen met urineverlies of verzakkingsklachten. Maar na uitleg over de bekkenbodemspieren en instructies over hoe de bekkenbodemspieren aan te spannen, krijgen zij wel degelijk hun klachten onder controle. Regelmatig verdwijnen de klachten helemaal!

De vrouwen die 20-30 jaar geleden kinderen kregen hebben al wel wat uitleg gehad maar veel van deze kennis is inmiddels verouderd. In deze groep zie je ook heel veel urineverlies en verzakkingsklachten. En ook hier geldt: door uitleg en het leren aanspannen van de bekkenbodemspieren krijgen de vrouwen hun klachten onder controle en vaak verdwijnen de klachten.

Dan heb je de groep vrouwen die 10-20 jaar geleden zijn bevallen. Die hebben vaak al meer kennis maar zagen de noodzaak nog niet altijd in om de bekkenbodemspieren te trainen. In deze groep zie je dus ook veel urineverlies en verzakkingsklachten. Ook hier geldt: door uitleg en het leren aanspannen van de bekkenbodemspieren krijgen vrouwen hun klachten onder controle en heel vaak verdwijnen de klachten.

In de groep vrouwen die 0-10 jaar gelden is bevallen is veel meer kennis over de bekkenbodem aanwezig. De noodzaak om te oefenen wordt veel meer benadrukt. De schaamte om over urineverlies of verzakking te praten is kleiner aan het worden. Er wordt meer geoefend na de bevalling en als er klachten zijn wordt er sneller hulp gezocht.

Een bevalling doormaken is niet de enige oorzaak van urineverlies of een verzakking. Ook vrouwen die geen kinderen hebben gekregen, merken vaak dat er rondom de overgang klachten kunnen ontstaan.

De therapie

De basis van de therapie is voor de meeste gevallen hetzelfde. Zorg dat er een goede plas/ontlastingshouding is, en een gezond plasgedrag. Zorg dat de vrouw haar bekkenbodemspieren gaat leren aanspannen en ontspannen en zorg voor een optimaal houdings- en bewegingsgedrag. In de gratis video’s vertel ik je daar alles over. In de online training werken we dan volgens het 7-stappenplan, waarin je leert je bekkenbodemspieren nog beter te voelen, te coördineren en te versterken. We oefenen heel praktisch zodat je weet wanneer je moet aanspannen als je bijvoorbeeld moet hoesten of niezen. En natuurlijk werken we aan een goede en ontspannen houding. De oefeningen zijn altijd óók gericht op ontspanning. Want ook door te veel aanspanning van de bekkenbodemspieren kun je urineverlies krijgen. 

Als je je bekkenbodemspieren kunt vinden, is het vervolgens zaak om ze te blijven oefenen..!

Ik ben heel benieuwd wat jij nu doet om je urineverlies of verzakkingsklachten te verhelpen. Of hoe jij ervoor zorgt dat je deze klachten niet krijgt. Wil je het me laten weten in het commentaarveld hieronder? Dank je wel! 

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Succes! groet, Yildiz

Ik weet het nog goed. Het was oktober 2013 en ik fietste terug van mijn werk naar huis. Ik had die dag een vrouw behandeld die veel te lang had gewacht met hulp zoeken voor haar urineverlies. Zó zonde en het gebeurt zó vaak… “Hoe kan ik toch meer vrouwen bereiken om van hun klachten van ongewild urineverlies of baarmoederverzakking af te komen?”, was ik al fietsend aan het mijmeren…

En toen ineens dacht ik: “Ik kan via internet veel meer vrouwen bereiken en ze met een videotraining helpen! Op internet heb ik een heel groot bereik en als je problemen hebt met je bekkenbodem dan komen al die teksten (op al die andere sites) niet binnen, dat is veel te lastig. Maar wat nou als ik het op video ga vertellen?! Dan is het net alsof ik als therapeut in je huiskamer ben! WAUW, dat ga ik doen!”

Maar eerst moest ik nog even mijn praktijk verhuizen en daar een nieuwe website voor maken… Toen dat klaar was begon de zoektocht naar iemand die mijn video’s kon opnemen en mij kon helpen met mijn website. Ik wilde het niet zelf doen, want dan zou het een eeuwigheid duren voor alles klaar was. En mijn online training móest er gewoon komen!

Gelukkig kwam ik in contact met Esther van Berk. In de zomer van 2014 heb ik mijn online training uitgewerkt en eind september hebben we alles opgenomen. Ondertussen was ik begonnen met teksten te schrijven voor mijn website en had Kristel van Klaveren een supermooi logo voor me gemaakt. Samen met Menno van Ek en Hugo Bakker zijn we de site in elkaar gaan zetten. En dat is best een klus, kan ik je vertellen. Die teksten willen nog wel, maar de lay out en het verkoopsysteem is echt heel veel werk. Zonder Hugo en Menno was dat nooit gelukt!

En toen was het zo ver… Dat waar ik zo lang naar uitkeek was ineens zo goed als klaar.
En toen kreeg ik de kriebels… is het wel goed… gaat het me lukken om mijn doelgroep te bereiken en vooral: wat vinden die ervan…? Maar zoals ik eigenlijk met het hele project heb gedaan… gewoon stapje voor stapje verder werken. En zie: dit blog staat er en is het begin en de ‘officiële opening’ van jouwbekkentherapeut.nl!

Ik feliciteer mezelf daarom van harte met deze prachtige site waarop ik heel openhartig ben, omdat ik geloof dat ik daar de meeste vrouwen mee kan helpen. HOERA!

Heel veel dank aan iedereen die me geholpen heeft en natuurlijk dank aan mijn lieve man en prachtige kinderen!