overgang en bekkenbodemDe overgang is een belangrijke periode in het leven van een vrouw. Een periode waarin er veel verandert.

En eigenlijk wist ik daar nog niet zo heel veel van af…

Ik was dan ook erg blij dat ik tijdens een verdiepingscursus een gynaecologe voor de klas had staan die ons meer uitlegde over de overgang.
Die informatie wil ik graag met je delen.

Oké, ik geef het toe: als je nog niet in de overgang bent wil je onderstaande helemaal niet lezen… Maar als je er middenin zit of er al doorheen bent zal het een hoop verklaren.

De overgang is een tijd van biologische veranderingen

Voor sommige vrouwen mondt dit uit in een ‘crisistijd’, terwijl andere vrouwen er doorheen wandelen zonder ergens last van te hebben.

Dit zijn de cijfers:

33% heeft nergens last van
33% kan er goed mee overweg
33% heeft veel klachten en zoekt daarvoor medische hulp

Als we in ons land kijken naar het aantal vrouwen in de ‘overgangsleeftijd’, dan betekent dit dat er momenteel 1,5 miljoen vrouwen in de overgang zijn(!)

De menopauze

De menopauze is de naam voor de laatste menstruatie in het leven van een vrouw.
De overgang is de periode rondom de menopauze.
Gemiddeld duurt de overgang zeven tot tien jaar.
Roken en stress leiden tot een vervroegde overgang.

Helaas is het niet zo dat een vroege eerste menstruatie betekent dat je menstruatie dan ook eerder stopt.

Oestrogenen

De overgang betekent vooral een afname van het hormoon oestrogeen.
Oestrogeen is onder andere belangrijk voor de stevigheid van de huid en botten en het soepel houden van de vaginawand.

Oestrogeen wordt aangemaakt in de geslachtsklieren. Bij de vrouw zijn dat de eierstokken.
Daarnaast wordt oestrogeen geproduceerd in de bijnieren, ook na de overgang.

Er worden 3 fases onderscheiden in de overgang

De eerste fase: periode tot de menopauze

De tweede fase: de periode na de menopauze

De derde fase: de periode die ontstaat door het langdurige tekort aan oestrogeen

De eerste fase – onregelmatige menstruatie, opvliegers en nachtzweten

Opvliegers zijn voor veel vrouwen hét symptoom voor de overgang.
Het zijn spontane aanvallen waarbij de bloedvaten gaan openstaan en je temperatuur omhoog gaat.
Ze duren ongeveer drie tot vijf minuten.

Opvliegers uiten zich in:

–          Hitte

–          Blozen

–          Hevig transpireren

–          Toename van de hartslag

Onder andere stress zorgt voor meer adrenaline in je lichaam en dit vergroot de kans op (meer) opvliegers.
Een goede remedie is daarom het doen van ademhalingsoefeningen, mediteren, mindfulness, sporten.

Bijkomende klachten in deze periode kunnen zijn:

–          Hoofdpijn

–          Misselijkheid

–          Tintelingen

–          Prikkelbaar zijn

–          Opgejaagd gevoel

 

Naast fysieke klachten zijn er ook veel psychische klachten.
Herken je je in onderstaand rijtje, dan zou de overgang de boosdoener kunnen zijn…

–          Slaapproblemen

–          Moeheid

–          Prikkelbaarheid

–          Labiel

–          Vergeetachtig

–          Stemmingsveranderingen

–          Angstaanvallen

Vrouwen ervaren de meeste klachten één jaar NA de menopauze.
Eén op de drie vrouwen ervaart de opvliegers als hinderlijk.
30-40% heeft vijf jaar na de menopauze nog opvliegers en 10% heeft langer dan tien jaar nog opvliegers.


De tweede fase is de periode na de menopauze – de aanmaak van oestrogeen is gestopt

Door gebrek aan het hormoon oestrogeen ontstaan er veranderingen in de blaas en vagina.

Veranderingen in de blaas
–              Terugkerende blaasontstekingen komen vaker voor door het dalen van het aantal lactobacillen. Het vaginaal toe te dienen    oestrogeen (verkrijgbaar via huisarts of gynaecoloog) kan goed helpen of Basilac Feminal. Dit is een probioticum met twee soorten lactobacillen. Het helpt alleen na de overgang omdat dan de hormonen die lactobacillen weer laten aangroeien afwezig zijn

–                Vaker plassen

–                Incontinentie neemt toe

–                Zeurende onderbuikpijn

Veranderingen in de vagina
–               Vermindering in kracht van spierweefsel, fascia en ligamenten (bekkenbodemspier verzwakt en de banden die de organen                     op hun plek houden verzwakken)
–               Baarmoedermond en vagina wordt wat kleiner
–               Elasticiteit van de vagina neemt af
–               De huid wordt dunner en verliest aan kracht
–               Je wordt gevoeliger voor infecties
–               Vochtig worden kan een probleem worden
–               Pijn tijdens het vrijen
–               Vaginisme
Tevens is er meer stijfheid en verminderde spiertonus in het hele lichaam.

Er ontstaat dus minder spierspanning en een verminderde continentie controle. Extra belangrijk dus om dit middels bekkenbodemoefeningen te verkrijgen/behouden!

Wellicht zie je aan bovenstaand rijtje dat zin in seks gemakkelijk minder kan worden… Gelukkig kun je daar zelf wat aan doen. Lees dit blog

Deze extra aanvulling kreeg ik van Hoogleraar seksuologie Ellen Laan  uit het Amsterdam UMC (Helaas is Ellen veel te vroeg overleden in januari 2022): “De daling van oestrogeen is niet de oorzaak van seksuele klachten. Net als bij mannen is bij vrouwen testosteron het hormoon dat ons gevoelig houdt voor seksuele prikkels, niet oestrogeen. Bovendien, alleen oestrogeen suppleren verhoogt bovendien het SHBG, wat er voor zorgt dat er nog minder testosteron biologisch beschikbaar is. Oestrogeen depletie is wel belangrijk, maar is verantwoordelijk voor de opvliegers en voor het droger worden van de vagina in niet-opgewonden toestand. Hebben vrouwen nog voldoende testosteron, dan kunnen ze ook bij een oestrogeentekort nog gewoon opgewonden en vochtig worden (met natuurlijk de juiste seksuele stimulatie). Ik maak me er al jaren sterk voor dat ook artsen bij seksuele problemen van vrouwen denken aan een testosterontekort, en niet alleen aan een oestrogeen tekort.”

De derde fase – de periode die ontstaat door het langdurige tekort aan oestrogeen

Door het langdurige tekort aan oestrogeen ontstaat er osteoporose (botontkalking). Maar liefst 30-40% van de botmassa verdwijnt. Je rug zakt in en je krijgt een buikje, waardoor je een ander postuur krijgt.

Door de osteoporose ontstaat er bovendien een grotere kans op fracturen.

Risicofactoren osteoporose

Elke vrouw krijgt dus osteoporose, maar onderstaande risicofactoren zorgen voor meer klachten van de osteoporose (en dus het inzakken van de wervelkolom en vergrote kans op botbreuken).

–          Familieleden met osteoporose
–          BMI < 20
–          Lage calciuminname
–          Te weinig vitamine D
–          Weinig beweging
–          Roken
–          Alcohol
–          Ziekte en medicijngebruik
–          Vroeg ontstaan van de menopauze

Veranderingen in je lichaam

–          Gewichtstoename rond de taille
–          Je komt jaarlijks 0,7 kilo aan. Dit is de biologische bescherming van je lichaam. Extra vetweefsel dient voor oestrogeenaanmaak (er wordt nog wel een kleine hoeveelheid oestrogeen in de bijnieren aangemaakt)
–          Klierweefsel in de borsten neemt af
–          De huid wordt minder soepel (door afname van elastine)
–          Haaruitval kan optreden
–          Er is een toename van de beharing (snor, oksels, daar waar je het niet wilt hebben…)

Vrouwen met overgewicht hebben vaak minder last van de overgang. Ze behouden meer oestrogenen.

Hormoontherapie

In Nederland wordt relatief weinig hormoontherapie (nieuw is de bio identieke hormoon medicatie) voorgeschreven, zeker in vergelijking tot de omringende landen. Hormoontherapie kan echter een goede oplossing zijn.
Het wordt alleen voorgeschreven als de klachten het dagelijks leven nadelig beïnvloeden.
En het is een individuele beslissing. Er wordt dus goed per persoon gekeken of het meerwaarde heeft.

Onderzoek wijst uit dat vrouwen die vijf jaar oestrogeen gebruikten zo goed als geen verhoogd risico hebben. (De onderzoeken duurde 5 jaar.)

Binnen de alternatieve gezondheidszorg kun je onder andere met homeopathie of bioresonantie  je hormoonhuishouding weer in evenwicht brengen.

Genitourinary Syndrome of Menopause (GSM)

Urogenitale en vaginale klachten die ontstaan door de overgang komen steeds meer onder de aandacht en worden GSM genoemd: Genitourinary Syndrome of Menopause (GSM). In Nederland wordt de term nog weinig gebruikt, maar in Amerika is er in 2025 een richtlijn verschenen. GSM vervangt de onvoldoende dekkende termen van: Vaginale atrofie en ‘droge’ vagina.
GSM klachten worden gelukkig steeds serieuzer genomen (alhoewel de term GSM in Nederland dus nog niet heel bekend is).

Klachten die bij GSM horen zijn: vaginale irritatie, jeuk, een branderig gevoel, droge vagina, terugkerende blaasontstekingen, een overactieve blaas en continue aandrang.
Op deze website leggen ze het goed uit en vertellen ze nog veel meer over hormonen: Overgang en hormonen

Klachten van GSM kunnen al ontstaan in de vroege eerste fase van de overgang (die rond je 40e jaar begint, maar soms al rond 35 jaar). Er komt gelukkig steeds meer informatie over hoe we vrouwen kunnen helpen die (veel) last hebben van GSM. Uit onderzoek blijkt dat oestrogeensuppletie (bijvoorbeeld in de vorm van een zalf of pil) goed helpt tegen GSM klachten. Al in lichte dosis is het een zeer goed middel om te gebruiken tegen GSM. Op deze website vind je meer informatie, en ook informatie die je mee kunt nemen naar je arts. Overgang en hormonen

De overgang en adviezen

Gelukkig kun je zelf invloed hebben op de periode van de overgang. Goed voor jezelf zorgen, en natuurlijk hoort daar ook je bekkenbodem bij, is heel belangrijk. De adviezen die de gynaecoloog ons gaf liggen geheel in lijn met wat ik jou altijd leer en vertel:

–          Zorg dat je lichamelijk sterk bent en een goede ‘core stability’ hebt

–          Zorg voor een goede lichaamshouding

–          Versterk je buik- en bekkenbodemspieren

–          Integreer bekkenbodem en ademhalingsoefeningen

–          Zorg dat je mentaal sterk bent

–          Leer de grenzen van je lichaam goed kennen en bewaak ze

–          Zorg voor voldoende ontspanning

–          Zorg voor een goede en rustige ademhaling

–          Zorg voor gezonde voeding met genoeg kalk en vitamine D (eventueel via supplementen

–          Beweeg veel in de buitenlucht (aanmaak vitamine D)

Nadat je dit weinig opbeurende artikel hebt gelezen weet je nu in ieder geval ook dat je bepaalde zaken zelf in de hand hebt :-).

Zorg goed voor jezelf en je lichaam.
Ik kan je daar bij helpen met de online bekkentherapie. Je gaat jezelf dan sterker maken, krijgt een goede ademhaling zodat je nog beter kunt ontspannen en ik leer je hoe je je lichaam goed belast.
Heb je problemen met slapen? Ga dan naar een slaapoefentherapeut. Inmiddels zijn er al bijna 1000 collega’s in het hele land gespecialiseerd in slaap. Binnen 2-4 behandelingen slaap je meestal alweer als een roosje.

 

Heb je nog aanvullingen, vragen, tips of opmerkingen stel ze dan in het commentaarveld hieronder.

 

 

Gisterochtend zat ik net tussen twee behandelingen in toen de telefoon ging.

“Schrik niet,” zei de dame aan de andere kant van de lijn, “ik bel vanuit Zwolle.

Ik heb een blog van je gelezen over het vastzetten van spanning in je lichaam. En dat deze spanning juist pijn veroorzaakt.”

Ze vertelde dat haar bekken ‘geblokkeerd’ was en dat ze al een paar dagen verkrampt aan het bewegen was. Na het lezen van mijn blog vielen er ineens kwartjes bij haar.

Het blog ging over een dame met heel veel pijn. Ze durfde door de pijn niet meer te bewegen, met nog meer spanning en pijn tot gevolg.
Ik beschrijf in het blog hoe ik haar leerde om door de pijn heen te ontspannen en rustig in beweging te komen.

Hierin herkende de Zwolse dame zich helemaal.
Dat deed ze ook altijd als ze pijn had: alles vastzetten en niet meer durven te bewegen.

Door het blog had ze vertrouwen gekregen en was ze heel rustig oefeningen gaan doen.
En ze voelde de spanning (en pijn) zo verminderen en wegzakken!

Dit vond ze zo’n mooi inzicht dat ze me daar graag persoonlijk van op de hoogte wilde stellen.

Super aardig!

En ja, zij heeft het helemaal goed begrepen, spanning loslaten en rustig bewegen is zo belangrijk!
Anders hoopt al die spanning zich op in je lichaam. En komt naar boven door middel van een pijnlijke plek ergens in je lichaam…

Haar advies was dan ook: mensen zouden vaker moeten praten over problemen in het bekken en de bekkenbodem. Iedereen heeft deze problemen maar niemand praat erover, en dat zorgt alleen maar voor meer spanning en meer pijn.

Loslaten, praat erover en doe er iets aan.
Aldus deze aardige en wijze vrouw uit Zwolle :-)

Het blog dat deze dame heeft gelezen, heb ik geschreven voor de praktijk waar ik werk als oefentherapeut en bekkentherapeut. Ik deel het hieronder graag met je.

Door de pijn heen ontspannen

Een van de lastigste dingen als je pijn hebt is dat je ‘moet’ leren door de pijn heen te ontspannen.
Met pijn verkramp je je spieren en worden de klachten alleen maar erger.
Bij bekkenpijn tijdens de zwangerschap lijkt dit wel extra te gebeuren.
Veel vrouwen met bekkenpijn worden ook bang van de pijn en gaan daardoor – onbewust – meer spieren aanspannen om hun lichaam te ontzien, met meer pijn tot gevolg…

Stefanie
De eerste keer dat Stefanie bij mij kwam was ze 18 weken zwanger. Ze had veel pijn maar het leek niet veel heftiger dan bij andere dames met bekkenpijn.
Meestal helpen mijn tips en adviezen al voldoende om de week erna veel minder klachten te hebben.
Maar toen Stefanie de tweede keer binnenkwam kon ze amper lopen.
De klachten waren die week steeds erger geworden en haar man had haar bij alles moeten helpen.

Het had haar die dag vijftien minuten gekost om uit bed te komen.
Door de manier van bewegen zag ik dat er heel veel spanning in haar lichaam zat.
Het was dus mijn taak om haar te leren ontspannen en door de pijn heen te bewegen, zodat de juist gemaakte spierspanning haar kon helpen haar bekken te stabiliseren.

We zijn daarom gaan oefenen op de behandeltafel.
Maar het moment waarop ze weer van de behandeltafel af moest komen was heel heftig voor Stefanie, dat herinner ik mij nog goed.

Ze had heel veel pijn, maar ik moest het haar zelf laten doen zodat ze wist hoe ze haar spieren en lichaam in moest zetten om zich ook thuis om te kunnen draaien om uit bed te komen.
Het van de tafel afkomen was erg pijnlijk maar het lukte haar wel in één minuut.
Tegenover de vijftien pijnlijke minuten die ze die ochtend had gehad…

Ook voor mij was dat moment heel lastig, want ik moest vertrouwen op mijn expertise en ervaring om het haar zelf te laten doen, terwijl ze echt heel veel pijn had. Als zorgverlener wil je dan het liefste helpen, maar daar zou ze niets van leren.

De week erna bleek dat mijn behandeling succes had gehad. Ze had veel minder pijn en kon weer alleen haar bed uitkomen.

Heb jij ook wel eens zo’n ervaring gehad?
Dat je heel veel pijn had en door rustig te gaan bewegen, ‘door de pijn heen ontspande’?

 

Bovenstaand blog heb ik – een aantal jaren geleden – geschreven voor beweegwijzeroefentherapie.nl

Een blaas- of baarmoederverzakking na de bevalling: wat het is en hoe je er grip op krijgt

Je staat onder de douche, of je bent net opgestaan, en ineens voel je het. Een zwaar gevoel onderin, alsof er iets uit je vagina zakt of er druk op staat. Misschien is het er pas een paar weken na de bevalling. Misschien voel je het voor het eerst tijdens je tweede zwangerschap. Of merk je het pas jaren later, na een drukke werkdag, een verhuizing, of in een stressvolle periode. Wat het ook is: het voelt vreemd, het maakt je ongerust, en je weet niet of dit erbij hoort.

In de zwangerschapsvoorlichting heeft bijna niemand je hierop voorbereid. Tijdens de nacontrole werd er nauwelijks naar gekeken en je verloskundige zei misschien dat het wel weer goed komt. Maar je googelt s’ avonds in paniek en leest over verzakkingen die voor altijd blijven en over operaties.

In de praktijk zie ik dit elke week. En het eerste dat ik dan zeg is dit: een verzakking na de bevalling betekent niet dat er iets kapot is. Bij 80% van de vrouwen met klachten halveren de symptomen binnen korte tijd zodra ze actief aan hun balans gaan werken. Mijn naam is Yildiz van der Zijden. Als bekkenoefentherapeut heb ik in 10+ jaar tijd ruim 98.000 vrouwen geholpen, en wat ik telkens weer zie is dat een verzakking vooral een signaal is. En dat de oplossing zelden alleen in bekkenbodemoefeningen zit, maar in het hele plaatje: je houding, je ademhaling, hoe je tilt, hoe je poept, hoe je je dagen indeelt.

In dit artikel lees je precies hoe je herkent of je een verzakking hebt en hoe het voelt, waarom dit zo vaak na een bevalling speelt en wat de oorzaken zijn, of een verzakking vanzelf weer overgaat, wat het verband is met urineverlies of een drukkend gevoel bij de anus, wat je zelf kunt doen om de klachten te verminderen, wanneer je naar de huisarts moet en wat je kunt doen als je opnieuw zwanger bent of wilt worden.

Wat is een verzakking na de bevalling en hoe ontstaat het?

Een verzakking na de bevalling betekent dat één of meerdere organen in je bekken iets lager zijn komen te liggen dan normaal. Dat geeft een gevoel van druk, zwaarte of het idee dat er iets uit je vagina zakt. Welk orgaan precies verzakt is, kan een huisarts onderzoeken, maar voor de behandeling maakt dat eigenlijk weinig uit. De aanpak is in de basis hetzelfde.

Er zijn drie organen die kunnen verzakken na een bevalling:

  • Blaasverzakking (cystocele): je blaas zakt richting je vaginavoorwand. Dit geeft vaak het gevoel dat er iets onderin drukt en kan samenhangen met klachten als moeilijk uitplassen, vaak moeten plassen of urineverlies.
  • Baarmoederverzakking (prolaps uteri): je baarmoeder zakt naar beneden in je vagina. Dit geeft het bekende zware gevoel onderin, soms tot in je liezen of rug, en in ernstige gevallen kun je weefsel voelen of zelfs zien bij de vagina-ingang.
  • Endeldarmverzakking (rectocele): je endeldarm puilt richting je vaginaachterwand. Dit geeft vaak een drukkend gevoel bij de anus en kan ervoor zorgen dat ontlasting moeilijker eruit komt.

In de praktijk komen mengvormen vaak voor. Veel vrouwen hebben bijvoorbeeld zowel een lichte blaasverzakking als een baarmoederverzakking, of een combinatie van baarmoeder en endeldarm. Welke combinatie je hebt, bepaalt vooral welke klachten op de voorgrond staan, niet hoe je eraan gaat werken.

Hoe herken je een verzakking na de bevalling?

Een verzakking herken je meestal aan een drukkend of zwaar gevoel onderin je bekken, alsof er iets uit je vagina wil zakken. Dat gevoel kan in de loop van de dag toenemen, vooral als je veel hebt gestaan, getild of intensief bent geweest, en s’ nachts of bij rusten weer afnemen. Hoe ernstig de verzakking is, bepaalt grotendeels welke klachten je merkt.

De meest voorkomende signalen zijn:

  • Een zwaar of drukkend gevoel in je vagina, soms uitstralend naar je rug of liezen
  • Het idee dat er iets uit je vagina zakt of zelfs naar buiten komt
  • Klachten die in de loop van de dag verergeren en s’nachts wegtrekken
  • Moeite met uitplassen of het gevoel dat je blaas niet leeg is
  • Urineverlies bij hoesten, niezen, sporten of tillen
  • Moeite met ontlasten of het gevoel dat de poep niet goed eruit komt
  • Een drukkend gevoel bij de anus
  • Pijn of een vol gevoel tijdens het vrijen

Hoe herken je een verzakking na de bevalling?

Hoe ziet een baarmoederverzakking eruit?

Bij een lichte verzakking zie je vaak niets, maar voel je vooral druk of zwaarte. Bij een verdergaande verzakking kun je bij het wassen of inbrengen van een tampon weefsel voelen of zien bij de vagina-ingang. Dat weefsel is meestal de baarmoederhals of de vaginawand die naar beneden is gekomen. Dit ziet er roze of rood uit en kan iets aanvoelen als een bal of bobbel die je niet eerder hebt gevoeld.

Schrik niet als je dit voelt. Een huisarts of gynaecoloog kan dit gemakkelijk beoordelen en bepalen welke graad van verzakking je hebt. Wat ik in de praktijk vaak zie is dat vrouwen die voor het eerst weefsel voelen direct denken dat een operatie nodig is. Maar zelfs bij zichtbare verzakking is er heel veel ruimte voor verbetering door je lichaam goed te leren gebruiken en je bekkenbodem te trainen.

Hoe ziet een baarmoederverzakking eruit en wanneer moet je opletten?

Wat ik altijd aanhoud als richtlijn: als je klachten in de loop van de dag verergeren en s’nachts weer wegtrekken, is er heel veel ruimte voor verbetering. Je lichaam herstelt dan dus zelf, alleen lukt dat overdag onvoldoende omdat de belasting te hoog is. Door je lichaam beter te gebruiken, op tijd rust te nemen en je bekkenbodem te versterken kan zo’n verzakking dus hoger op zijn plek blijven zitten en kunnen de klachten verdwijnen.

Heb je ook direct in de ochtend al last? Dan is dat een teken dat de verzakking ernstiger is.

Hoe vaak komt een verzakking na de bevalling voor?

Veel vaker dan vrouwen denken. We horen veel over urineverlies na de bevalling, maar verzakkingen komen minstens zo vaak voor. Boven de 40 jaar heeft ongeveer 40% van de vrouwen een verzakking, in meer of mindere mate. Een groot deel daarvan begon ooit met een bevalling.

Wat het lastig maakt: niet elke verzakking geeft direct klachten. Veel vrouwen hebben een lichte verzakking zonder het te weten, totdat een trigger het naar voren brengt. Dat kan een tweede bevalling zijn, een verhuizing, een drukke werkperiode, intensief sporten of de overgang. Ineens zijn de klachten er, terwijl je er jaren niets van hebt gemerkt.

Dat verklaart waarom sommige vrouwen pas tien of vijftien jaar na hun bevalling voor het eerst klachten krijgen. De bekkenbodem, die destijds door de bevalling veel te verduren had, is wellicht nooit voldoende hersteld en zodra het bindweefsel gaat verzwakken bijvoorbeeld door hormonale veranderingen tijdens de overgang, komen klachten tevoorschijn.

In de eerste maanden na de bevalling herstellen veel klachten gelukkig vanzelf. Het overgrote deel van de tijdelijke verzakkingen na een bevalling trekt in het eerste jaar weg, op voorwaarde dat je je lichaam de rust en de juiste belasting geeft die het nodig heeft. Maar wie te snel weer alles oppakt, te zwaar tilt of door de uitputting van een baby zichzelf overslaat, loopt het risico dat de verzakking blijft of erger wordt.

Waarom ontstaan verzakkingsklachten vaak pas na de bevalling?

We weten uit wetenschappelijk onderzoek dat als het persen langer dan 1,5 heeft geduurd,  Daarnaast is de periode na de bevalling heel belangrijk. Het lichaam wil herstellen, maar krijgt daar niet altijd de ruimte voor. Doordat er in een jong gezin ook voor andere kinderen gezorgd moet worden, of doordat er andere problemen spelen waar veel tijd en aandacht voor nodig is. Maar soms ook gewoon omdat je je super goed voelt en te snel alles weer oppakt.

En vaak zie ik hetzelfde patroon, zeker bij een eerste kindje: vrouwen moeten zo wennen aan het nieuwe leven als moeder, en zijn daarnaast ook heel druk met hun kindje dat ze zichzelf vergeten. Daarnaast is er ook fysiek een hele andere belasting doordat er ineens veel meer getild moet worden en veel vaker trap moet worden gelopen. En om weer fit te worden wordt er soms te snel weer met sporten gestart, terwijl de bekkenbodem daar nog helemaal niet aan toe is. En sommige vrouwen gaan juist niet meer sporten en bouwen  daardoor onvoldoende kracht in de bekkenbodem en het lichaam op. In beide gevallen blijft de bekkenbodem achter en krijgt het lichaam geen kans om in balans terug te keren.

Er zijn nog drie oorzaken die los van de bevalling staan, maar de klachten kunnen versterken of zelfs voor het eerst kunnen veroorzaken:

  • Hard persen bij de ontlasting: als je vaak moet persen tijdens het poepen, bijvoorbeeld bij obstipatie, geeft dat structureel druk omlaag op de bekkenbodem en kan een verzakking ontstaan of erger worden. Dit is een onderschatte oorzaak.
  • De overgang: door hormonale veranderingen wordt het bindweefsel slapper. Vrouwen die jaren na hun bevalling klachtenvrij waren, kunnen rondom de overgang ineens een verzakking ontwikkelen. Vrouwen die nooit kinderen hebben gekregen, kunnen om dezelfde reden last krijgen van een verzakking.
  • Chronisch hoesten: hoesten is een hele zware activiteit voor de bekkenbodem. Als je chronisch veel hoest door welke reden dan ook, kan dit de bekkenbodem fors belasten en verzakkingen in de hand werken.

Wat al die oorzaken gemeen hebben is dit: ze zorgen voor te veel druk omlaag op een bekkenbodem die die druk niet aan kan. De oplossing zit dan ook altijd in twee dingen tegelijk: de druk verminderen die op je bekkenbodem staat én de bekkenbodem zelf sterker maken.

Kan een verzakking na de bevalling vanzelf herstellen?

Bij veel vrouwen wordt een verzakking na de bevalling in de loop van het eerste jaar vanzelf minder, op voorwaarde dat het lichaam genoeg rust en de juiste belasting krijgt. Het bindweefsel herstelt, de hormonale situatie stabiliseert na het stoppen met borstvoeding en de bekkenbodem komt langzaam weer op kracht.

Maar dat herstel gaat zelden volledig vanzelf. Het lichaam heeft daarvoor jouw actieve hulp nodig: optijd je rust nemen, je houding, je ademhaling, je manier van tillen, je dagindeling. Vrouwen die hier bewust aan werken zien hun klachten vaak snel afnemen. Vrouwen die afwachten en hopen dat het overgaat, lopen het risico dat de verzakking blijft hangen of geleidelijk erger wordt.

Een verzakking is in die zin nooit echt “weg”. Wie eenmaal een verzakking heeft gehad, blijft levenslang gevoeliger voor het terugkomen van klachten.

Wat is het verband tussen verzakking en urineverlies?

Een verzakking en urineverlies komen vaak samen voor, maar het is niet automatisch zo dat als je het ene hebt, je ook het andere hebt. Maar veel vrouwen met een verzakking hebben helemaal geen urineverlies, en andersom.

Toch zit er in de oorzaak een grote overlap. Beide klachten komen voort uit een verzwakte bekkenbodem die de organen en de urinebuis niet goed meer kan ondersteunen, gecombineerd met te veel druk omlaag bij hoesten, niezen, sporten of tillen.

Het goede nieuws: zowel urineverlies als verzakkingsklachten reageren op dezelfde aanpak. Door je bekkenbodem te leren voelen, op de juiste manier te versterken en de druk omlaag te verminderen, verbeteren beide. Ook op een juiste manier sporten helpt. In het blog hoe je urineverlies stopt tijdens sporten en andere inspanningen lees je daar meer over.

Wat kun je zelf doen bij een verzakking na de bevalling?

Wat kun je zelf doen bij een verzakking na de bevalling?

Hier komt het hele verhaal samen. Hieronder de zeven punten die ik in mijn programma met elke vrouw doorloop of je nou net bevallen bent of al 40 jaar geleden of nog nooit, dat maakt niet uit. Voor het oplossen en onder controle krijgen van een verzakking is onderstaande nodig,

1 | Herstel je balans

Het allerbelangrijkste als je last hebt van verzakkingsklachten. Het eerste waarnaar je moet kijken is: wat doe je en wat kun je aan? Als je meer doet dan je aankunt, krijg je klachten rond het zwakke gebied in je lichaam. Word je dus bewust van je activiteiten en de rust die je neemt.

In mijn praktijk zie ik dat dit voor veel pas bevallen vrouwen het lastigste punt is, juist omdat een baby alle aandacht opeist. Maar het werkt: bij 80% van de vrouwen die na de bevalling last hebben van een verzakking, halveren de klachten binnen een week als ze actief aan de slag gaan en hun balans herstellen.

En bij vrouwen die (veel) langer geleden bevallen zijn, of nooit een bevalling hebben gehad, geldt precies hetzelfde proces. Alhoewel het dan lastiger kan zijn en het vaak wat langer duurt omdat verkeerde patronen meer zijn ingeslepen. Maar altijd kijken we naar je dagelijks leven en waar er ruimte voor herstel is.

2 | Bouw je activiteiten langzaam op

Je kunt dan blijven voelen waar je grens ligt en op tijd je rust nemen. Wat ik altijd aanhoud als richtlijn: als je klachten gedurende de dag opbouwen en s’nachts weer wegtrekken, is er heel veel ruimte voor verbetering. Dat is precies het signaal van je lichaam dat de belasting overdag te hoog is. Pak de volgende dag iets minder en kijk of het beter wordt. Tijdens de online bekkentherapie help ik je inzicht te krijgen in wat je nu doet, en hoe je met gemakkelijke stappen meer balans in je dag kunt brengen.

3 | Train je bekkenbodemspieren

Je bekkenbodem moet weer kunnen ondersteunen, en daarvoor moet hij sterker worden. Maar bij een verzakking heb je vrijwel altijd ook te maken met een te gespannen bekkenbodem. Omdat de verzakking zo’n vervelend gevoel geeft gaat je lichaam (onbewust) spanning maken om die druk en dat vervelende gevoel tegen te houden. De bekkenbodemspieren, maar ook de billen, buik, benen gaan vaak ook meehelpen om die druk tegen te houden. Daardoor ontstaat er een verhoogde spanning in het bekkenbodemgebied.

4. Versterk de spieren rondom je bekken

Als je bekkenbodemspieren weer goed functioneren is het belangrijk om ook de spieren rondom het bekken te versterken zodat de samenwerking tussen de bekken en bekkenbodemspieren verbetert. Belangrijke spieren zijn de bil-, heup- en rugspieren, maar ook de onderbuik- en schuine buikspieren.  Het lichaam is een geheel en alles werkt met elkaar samen. Door deze spieren te trainen, train je het spierkorset dat met de bekkenbodem samenwerkt. Een sterke bekkenbodem in een verder slap lijf werkt niet, en omgekeerd: te sterke buikspieren zonder een meewerkende bekkenbodem geven juist meer druk omlaag.

5. Zorg voor een goede houding

Je houding heeft directe invloed op je bekkenbodem. Heb je een actieve, rechte houding dan heeft de bekkenbodem een gezonde, actieve spanning. Heb je een slappe houding dan zijn je bekkenbodemspieren ook slap. Een houding heb je de hele dag, en als die niet goed is, bijvoorbeeld zitten, staan of bukken met een te gebogen rug, belast je onbewust je hele dag je lichaam verkeerd.

6. Zorg voor een juiste plas- en ontlastingshouding

Dit punt onderschatten veel vrouwen, maar het maakt een groot verschil. Bij het plassen is het belangrijk dat je goed uitplast en je bekkenbodem actief ontspant. Zit goed rechtop, ontspan je buik en benen.

Bij ontlasten geldt: niet persen. De kringspieren bij de anus zijn er om de ontlasting tegen te houden. Op het moment dat je gaat persen, spannen die spieren juist extra aan, en komt de ontlasting er nog moeilijker uit. Door te persen tijdens de ontlasting vergroot je bovendien de kans op aambeien en verzakkingen.

Wat wel werkt: ga zitten met een ronde rug, eventueel met een opstapje onder je voeten, adem rustig naar je buik en duw op de uitademing zachtjes mee. Streef daarnaast naar een normale stoelgang door gezond te eten met voldoende vezels en goed te drinken. Hoe regelmatiger je ontlasting komt, hoe minder druk je op je bekkenbodem zet.

7. Leer de juiste technieken bij hoesten, niezen, bukken en tillen

Elke keer dat je hoest, niest, bukt of tilt ontstaat er druk op je bekkenbodem. Dat heet buikdrukverhoging. Een bekkenbodem die niet actief mee kan reageren, zakt mee naar beneden. Met urineverlies of een toenemende verzakking als gevolg.

De belangrijkste tip die ik hier altijd geef: blaas uit op het moment dat je kracht zet. Dus als je iets optilt, blaas je uit. Als je duwt, blaas je uit. Door uit te blazen tijdens de inspanning help je de bekkenbodem juist omhoog in plaats van naar beneden. Inademen betekent namelijk druk omlaag, uitademen betekent ondersteuning vanuit de bekkenbodem.

Waarom zijn alleen bekkenbodemoefeningen niet voldoende?

Veel vrouwen die met klachten bij de gewone bekkentherapie komen, krijgen daar bekkenbodemoefeningen mee naar huis. Op zich goed. Maar bij een verzakking is dat alleen vrijwel nooit voldoende, en dat is wat ik steeds weer zie.

Dat heeft te maken met hoe je lichaam reageert op een verzakking. Bij een verzakking gaat je lijf compenseren: andere spieren nemen het over. Je buik trekt zich in, je billen knijpen samen, de binnenkant van je benen spant aan. Maar die compensatie spieren zijn er niet voor gemaakt om de verzakking tegen te houden. En in de tussentijd raakt de bekkenbodem nog meer overspannen, raakt je ademhaling hoger en wordt je houding strakker.

Daarom werkt alleen losse oefeningen doen niet. Je moet leren waarom je lichaam compenseert, hoe je dat compensatie patroon doorbreekt en hoe je je bekkenbodem opnieuw zijn werk laat doen binnen het hele systeem. Dat vraagt iets anders dan tien keer per dag knijpen voor het stoplicht. Het vraagt dat je je manier van bewegen, ademen, zitten en tillen herziet.

Een nieuwe zwangerschap na een verzakking

Veel vrouwen die ooit een verzakking hebben gehad maken zich zorgen over een volgende zwangerschap. De verzakkingsklachten komen tijdens een nieuwe zwangerschap vaak terug. Dat heeft twee oorzaken: de hormonale veranderingen die je bindweefsel weer slapper maken, en de toenemende druk van je groeiende baby op je bekkenbodem.

Wat ik vaak zie is dat klachten al vroeg in de zwangerschap opspelen, vooral als gevolg van de hormonale verandering. Tussen ongeveer 16 en 32 weken zwangerschap nemen de klachten bij veel vrouwen weer af, om in de laatste maanden weer terug te komen door de toegenomen druk.

Goed nieuws: een eerdere verzakking betekent niet dat je niet veilig opnieuw kunt bevallen.
Of dat het na je zwangerschap nooit meer goed komt. Het geeft je juist de kans om na je bevalling aan goede zelfzorg en herstel van de bekkenbodem te doen. Je weet nu immers hoe belangrijk dat is! Hoe meer je leert na je eerdere bevalling, hoe beter je het zult toepassen na een volgende bevalling.

En dat doet me gelijk denken aan een dame die ik begeleidde na haar tweede zwangerschap. Ze had forse verzakkingsklachten die we met de juiste oefeningen, juiste houding en tiltechnieken en goed leren luisteren naar haar lichaam helemaal weg kregen. En toen ik haar enkele jaren daarna zag vertelde ze enthousiast dat ze van de derde was bevallen en dat het helemaal goed ging. Dankzij alles dat ze geleerd had en nu gelijk had toegepast.

Veelgestelde vragen over verzakking na de bevalling

Hoe lang duurt het voordat een verzakking na de bevalling herstelt?
Bij actief werken aan balans en bekkenbodem halveren klachten bij 70% van de vrouwen binnen enkele weken. Volledig herstel duurt vaak enkele maanden tot een jaar. Bij wachten zonder actie kan een verzakking blijven of erger worden.
Kan een verzakking na de bevalling vanzelf overgaan?

Bij een lichte verzakking kan dat in de eerste maanden na de bevalling. Maar het herstel gaat zelden volledig vanzelf, je lichaam heeft jouw actieve hulp nodig met rust, juiste belasting en bekkenbodemoefeningen.

Is een verzakking na de bevalling gevaarlijk?
Nee, in de meeste gevallen is een verzakking niet medisch gevaarlijk, maar wel hinderlijk en soms pijnlijk. Bij een ernstige verzakking met weefsel buiten de vagina, plotse klachten of bloedverlies is wel altijd een huisartsbezoek nodig.
Kan ik sporten met een verzakking?
Ja, maar wel aangepast. Hardlopen, springen en zwaar tillen geven veel druk omlaag en kunnen klachten verergeren. Begin met wandelen, zwemmen, fietsen of bekkenbodemvriendelijke krachttraining en bouw stap voor stap op. In het blog sporten met bekkenbodemproblemen lees je daar meer over.
Wanneer mag ik weer beginnen met bekkenbodemoefeningen na de bevalling?
Eigenlijk al heel snel na de bevalling, mits voorzichtig en gericht. In het blog wanneer start je met bekkenbodemoefeningen na de bevalling lees je hoe je dat veilig opbouwt.
Heb ik een operatie nodig bij een verzakking na de bevalling?
Bij de meeste verzakkingen na de bevalling is een operatie niet nodig, zeker niet als eerste stap. Officieel is de richtlijn: eerst oefenen, dan eventueel een ring, dan pas een operatie. Begin daarom altijd met de oefenroute, ook als je weet dat de verzakking er is.
Kan een verzakking voor altijd terugkomen?
Wie eenmaal een verzakking heeft gehad, blijft levenslang gevoeliger voor het terugkomen van klachten in drukke periodes, na een verhuizing of rondom de overgang. Maar met de juiste aanpak weet je precies wat te doen als de klachten weer opspelen, en herstellen ze meestal snel.
Wat is het verschil tussen een blaasverzakking en een baarmoederverzakking?
Bij een blaasverzakking zakt de blaas richting de vaginavoorwand. Bij een baarmoederverzakking zakt de baarmoeder zelf naar beneden en geeft dat meer een algemeen zwaar gevoel. Voor de behandeling maakt het verschil weinig uit.

Conclusie

Een verzakking na de bevalling is een veelvoorkomende klacht. Toch kun je actief aan de slag om dit te verbeteren. Je hebt anders naar je lichaam te kijken. Naar je houding, je ademhaling, hoe je tilt, hoe je poept, hoe je je dag indeelt. Dat klinkt veel, maar het is precies wat je nodig hebt om niet alleen je verzakking te verbeteren, maar ook in de jaren die komen, met een eventuele volgende zwangerschap, met de overgang, met drukke periodes, grip te houden op je lichaam.

Wil je weten wat jij als eerste stap kunt doen? Start dan vandaag nog met de gratis bekkenbodemtherapie. In vier video’s leer je hoe je je bekkenbodem leert voelen, ontspannen en op de juiste manier versterken. Meer dan 98.000 vrouwen gingen je al voor.

Ja, ik wil de gratis bekkenbodemtherapie →

baarmoederverzakkingIn 2014 is er een richtlijn geschreven voor ‘urigenitale prolaps’ oftewel blaasverzakkings- of baarmoederverzakkingsproblemen.

In deze richtlijn staat dat uit onderzoek blijkt dat meer dan 40% van de vrouwen boven de 40 jaar ‘pelvic organ prolaps’ heeft.

Oftewel meer dan 40% van de vrouwen boven de 40 jaar heeft een blaasverzakking of baarmoederverzakking!

Een groot deel van de vrouwen heeft last van de baarmoederverzakking, maar dat hoeft niet. Een steeds groter deel van de vrouwen zoekt hulp. Omdat er op verschillende vlakken hulp kan worden geboden, denk aan operaties, pessarium en bekkenbodemtherapie, is er een richtlijn opgesteld voor behandelend specialisten, huisartsen en bekkentherapeuten.

Een verzakking kan in verschillende gradaties voorkomen. Deze gradaties kan een huisarts of gynaecoloog vaststellen.
Stadium 0-1
Stadium 1
Stadium 2
Stadium 3

In de richtlijn wordt aangegeven dat tot stadium 2 altijd ook bekkenbodemtherapie moet worden geadviseerd. Vanaf stadium 3 is alleen bekkenbodemtherapie onvoldoende.
Daarnaast beschrijft de richtlijn dat er ook gesproken moet worden over het gebruik van een pessarium. Circa 50% van de vrouwen met verzakkingsklachten gebruikt deze ook.

Er zijn veel verschillen in het ervaren van klachten. Zo zijn er vrouwen in stadium 2 die nergens last van hebben en vrouwen in stadium 1 die veel hinder ondervinden.

Terwijl er veel informatie voorhanden is over urineverlies, is het probleem van vrouwen met een blaas- of baarmoederverzakking wellicht net zo groot..!

Waarom heeft de een wel klachten en de ander niet?

Uit wetenschappelijk onderzoek komt naar voren dat met bekkenbodemtherapie niet per se de graad van de verzakking afneemt, maar wel de kwaliteit van leven toeneemt. De vrouwen geven aan door bekkentherapie minder last van hun blaas- en/of baarmoederverzakking te hebben.

Bij goed gebruik van je lichaam is er een veel betere bekkenbodemspanning waardoor je bekkenbodem je organen kan ondersteunen.  Bij verkeerd gebruik en te veel overbelasting van je lichaam kan je bekkenbodem zijn functie veel minder goed uitoefenen en kun je dus veel meer hinder ondervinden van je blaas- of baarmoederverzakking.

Veel gemaakte fouten bij blaas- of baarmoederverzakking

  • Slappe bekkenbodemspieren. Veel vrouwen trainen hun bekkenbodemspieren niet, of weten niet hoe ze hun bekkenbodemspieren moeten trainen.
  • Slechte houding. Zitten, staan, lopen en bukken met een gebogen rug geeft veel meer druk op de bekkenbodem… en het zorgt voor inactieve spieren waardoor de blaas- of baarmoederverzakking niet ondersteund wordt.
  • Verkeerde perstechniek bij ontlasting. Obstipatie en persen tijdens de ontlasting geeft net zoveel belasting op de bekkenbodem als een bevalling.
  • Niet kunnen opvangen van buikdrukverhogende momenten.
  • Te veel doen. Als je meer doet dan je aankunt, is dat belastend voor je bekkenbodem.
  • Niet luisteren naar je lichaam. 
  • Overgewicht. Belangrijk om de druk op de organen en bekkenbodem te verminderen is het hebben van een gezond gewicht.
  • Inactief zijn, slechte conditie hebben. Wandelen, fietsen, bewegen. Dat doen wat je wel kunt houdt je actief en in conditie.

Leefstijladviezen en tips bij blaas- en baarmoederverzakking

  • Train je bekkenbodemspieren. Zorg dat je bekkenbodemspieren sterk zijn zodat ze de organen beter kunnen ondersteunen.
  • Leer buikdrukverhogende momenten opvangen. Leer wat je moet doen als je moet hoesten, niezen, tillen, duwen, etc.
  • Train de spieren om je bekkenbodem heen. Het lichaam is een geheel en alles werkt met elkaar samen. Door je billen, benen, heupen, onderbuik en rugspieren te trainen, train je het spierkorset dat met de bekkenbodem samenwerkt.
  • Zorg voor een goede en actieve houding. Een houding heb je de hele dag. Als deze niet goed is (bijvoorbeeld zitten, staan, bukken met een te gebogen rug) belast je onbewust je lichaam de hele dag verkeerd.
  • Zorg voor een gezond ontlastingspatroon met juiste perstechnieken.
  • Blijf in balans, luister naar wat je lichaam nodig heeft.
  • Zorg voor een gezond gewicht.

Herken jij jezelf in bovenstaande klachten en wil je daar graag vanaf?
Volg dan de online bekkentherapie.

En deel dit bericht gerust, zodat de vrouwen om je heen weten dat ze niet de enigen zijn… en zodat ze weten wat ze kunnen doen aan een blaas- of baarmoederverzakking.

 

verschil in de bekkenbodem

Een verschil tussen links en rechts in de bekkenbodem, kan dat ook nog?

Ik heb toch maar één bekkenbodem?!

Ja, maar die bekkenbodem heeft een linker- en een rechterkant. Net zoals de rest van je lichaam een linker- en een rechterkant heeft.

En soms kan er een verschil in kracht zitten tussen links en rechts.

Dit verschil kan bijvoorbeeld komen doordat je aan één kant van je lichaam sterker bent.
Of door de bevalling.
Als je naar één kant bent ingescheurd of een knip hebt gehad (in Nederland wordt de knip altijd naar links gezet).

Het is goed om het verschil te voelen, zodat – als er een verschil is – je ook de zwakke kant kunt oefenen.

Er kan een verschil in kracht zijn.
Maar het kan ook zijn dat je één kant minder goed kunt voelen, waardoor je het minder goed kunt aanspannen en het in kracht is achtergebleven.

Met de volgende oefening kun je voelen of je de linker- en rechterkant van je bekkenbodem even goed kunt aanspannen.

Oefening 

Kom rechtop zitten, de benen zijn ontspannen.
Verplaats nu je gewicht zodat je op je rechter bil komt te zitten.
Span nu je bekkenbodemspieren aan.
Verplaats nu je gewicht naar links, zodat je op je linkerbil komt te zitten.
Span nu je bekkenbodemspieren aan.
Voel je verschil tussen links en rechts?

Er zijn nog meer oefeningen. Maar die lukken pas als je controle hebt over je bekkenbodem.
Heb je die nog niet? Volg dan de online bekkentherapie.

Natuurlijk ben ik benieuwd of bovenstaande oefening jou gelukt is.
Laat je het me weten via de mail of in het commentaarveld hieronder?

Ik hoor het graag van je!

persen obstipatieBevallen is een pittige klus en de bekkenbodem krijgt het flink te verduren. Logisch dus dat een bevalling een grote oorzaak van bekkenbodemproblemen, zoals urineverlies of verzakking, is.

Extra risico’s op een verzakking loop je als je lang moet persen (>1,5 uur) en een groot kind krijgt ( > 4 kg).

Maar er is nòg een heel grote factor om een verzakking te krijgen: obstipatie!

Obstipatie heb je als je ontlasting niet makkelijk komt. Het gevaar bij obstipatie is, dat je de ontlasting eruit gaat duwen. Je zet dan veel druk op de bekkenbodem en dit heeft, naast aambeien, dus nog meer schade voor de bekkenbodem tot gevolg.

In een onderzoek (dat in 2009 is gedaan door Amselem et al.) bleek dat chronische obstipatie nagenoeg dezelfde schade aan de bekkenbodem geeft!
De conclusie na hun onderzoek is:
– Obstipatie blijkt nagenoeg net zo veel schade te geven aan de bekkenbodem als een bevalling.
– Een actievere benadering om obstipatie te herkennen en te verhelpen zal schade aan de bekkenbodem fors kunnen verminderen.

Wie lopen er extra risico op obstipatie en daardoor schade aan de bekkenbodem?

  • Vrouwen na een bevalling. Het lichaam heeft een zware klus geklaard en moet weer op gang komen. Ontlasting kan dan soms uitblijven. Ook kan er angst zijn dat de ontlasting iets kapot maakt of pijn doet, waardoor het signaal om te moeten ontlasten genegeerd wordt.
  • Vrouwen (en mannen) na een operatie aan de bekkenbodem.
  • Vrouwen (en mannen) na een operatie.

Tips voor na de bevalling om obstipatie te voorkomen

  • Stel je ontlasting niet uit. Daardoor wordt het alleen maar harder en komt het er moeilijker uit.
  • Ontspan en neem de tijd om de ontlasting te laten komen.
  • Drink goed en eet veel vezels.
  • De eerste ontlasting komt binnen 2-3 dagen. Heb je op dag 4 nog geen ontlasting? Licht de verloskundige in en zorg dat je iets neemt/krijgt dat de ontlasting op gang kan brengen.
  • Pas deze tips toe om de ontlasting gemakkelijker te laten komen.

Tips voor na een operatie aan de bekkenbodem

In dit blog heb ik uitgebreid geschreven wat je moet doen na een operatie aan de bekkenbodem. Als je al last hebt van obstipatie moet je direct na de operatie beginnen met een middel om de ontlasting te laten komen. Hier kun je er verder over lezen.

Tips voor na een operatie

  • Drink voldoende en eet vezels.
  • Heb je al problemen met de ontlasting, geef dit dan aan en neem eventueel een middel om de ontlasting te stimuleren.
  • Ontspan op het toilet en neem de tijd.
  • Pas deze tips toe.

De ultieme tip bij obstipatie

In een eerder blog heb ik uitgebreid geschreven wat je moet doen om je ontlasting te stimuleren. Ik geef daarin ook ‘de ultieme tip’, een oefening die al heel veel mensen geholpen heeft hun ontlasting gemakkelijker te laten komen. Nooit meer persen, maar laat je ontlasting met deze simpele oefening gemakkelijker komen. Hier kun je de tips lezen.

Wil je ook weten wat voeding kan doen voor een gezond ontlastingspatroon? Bekijk dan dit blog.

In deze video heb ik het ook uitgelegd.

 

Dan nu een verzoek aan jou. Wil je dit blog verspreiden?
Het is zo ontzettend belangrijk dat vrouwen, vooral na hun bevalling of operatie, op de hoogte zijn van de gevaren van obstipatie en dat er adequaat gehandeld wordt als de ontlasting niet komt.

 

Blaaspijnsyndroom of interstitiële cystitis (IC)

blaaspijnsyndroom

Blaas

Voordat je verder leest wil ik je alvast op het hart drukken dat de kans heel groot is dat je dit NIET hebt.

De reden dat ik toch over het blaaspijnsyndroom schrijf, is dat het blaaspijnsyndroom nog relatief onbekend is en de mannen en vrouwen die hier last van hebben hier heel veel hinder van hebben.

Omdat de zoektocht lang kan zijn voor je weet waar je nou last van hebt en veel huisartsen niet op de hoogte zijn van deze aandoening, wil ik mijn steentje bijdragen aan een stukje bekendheid van dit probleem.

Blaaspijnsyndroom of aandrang (urge) incontinentie?

De klachten van beide aandoeningen lijken op elkaar. De oorzaak is echter heel anders.
Bij het blaaspijnsyndroom staat pijn op de voorgrond.  Bij aandrang-incontinentie staat de aandrang om te plassen op de voorgrond.

Klachten bij het blaaspijnsyndroom: pijn staat op de voorgrond.
– Pijn als de blaas voller wordt
– Extreem veel moeten plassen
– Pijn in de plasbuis
– Pijn in de onderbuik
– Pijn, continu, om te moeten plassen
– Pijn in de vagina (Bij mannen: pijn in de penis, testikels, scrotum, bekkenbodem)

Oorzaak van het blaaspijnsyndroom

Hier komt vaak het grote verschil met aandrang-incontinentie naar voren.
Aandrang-incontinentie sluipt er vaak langzaam in doordat de bekkenbodemspieren minder sterk worden en je onzeker wordt of je wel op tijd het toilet haalt. Je gaat steeds vaker naar het toilet en de blaas raakt overprikkeld. De blaas geeft steeds sneller een seintje dat je moet plassen. Je krijgt steeds vaker aandrang.

Bij het blaaspijnsyndroom is er een ernstige ontsteking van het blaasslijmvlies. Het lijkt op een blaasontsteking, maar dat is het niet. Er is geen sprake van een bacteriële oorzaak, daarom helpen antibiotica ook niet. De  beschermingsfunctie van de blaaswand is defect waardoor de stoffen uit de urine de blaaswand kunnen binnendringen. Met irritatie, pijn, ontstekingsverschijnselen en samentrekken van de blaas tot gevolg. Waardoor dit defect ontstaat is nog niet bekend.

Het blaaspijnsyndroom kan ontstaan na een heftige blaasontsteking, soms komen de klachten onverwachts en soms beginnen ze na een operatie. Operaties aan de baarmoeder worden dan het vaakst genoemd.

Behandeling van het blaaspijnsyndroom

Er zijn verschillende soorten behandelmethodes. Je kunt deze het beste met je uroloog bespreken.

Er zijn ook een aantal zaken die je zelf kunt doen.

Warmte. Pijn (waar dan ook in je lichaam) geeft altijd meer spanning in je spieren waardoor je weer meer pijn krijgt. Warmte helpt om je spieren te ontspannen en de pijn te verlichten. Een warm bad, warme kleding, warm ondergoed of een warme kruik verlicht de pijn.
Voeding. Bepaalde voedingsmiddelen kunnen de blaas prikkelen. Als je deze uit je voedingspatroon haalt kan dat voor minder pijnklachten zorgen. Citrusvruchten, koffie, alcohol en gekruid eten worden vaak genoemd als voedingsmiddelen die de blaas meer prikkelen. Wil je meer informatie en hulp kijk dan op de website van Melissa Albers.
Stress. De invloed van stress op de klachten is groot. Echter de constante pijn in de blaas en het constant aandrang hebben geeft veel spanningen in het dagelijkse leven. De grote uitdaging is dan ook om te leren ontspannen en te leren omgaan met de pijn en afleiding te vinden in bijvoorbeeld werk, hobby’s, gezin.

Heb je langer dan een half jaar forse pijnklachten in de onderbuik, moet je extreem vaak plassen, slaan antibioticakuren niet aan? Ga dan naar je huisarts en vertel hem of haar over het blaaspijnsyndroom en vraag of jij daar last van zou kunnen hebben.

Heb je vooral veel aandrang en moet je vaak plassen, lees dan verder op deze site. Schrijf je in voor de gratis videotraining en krijg je blaas weer onder controle.

Voor dit artikel heb ik gebruik gemaakt van het document over het blaaspijnsyndroom van het ikazia ziekenhuis en de website van de ICP patiënten vereniging.


Heb je vragen of reacties?

Schrijf ze in het commentaarveld hieronder.

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Succes! groet, Yildiz

urineverlies inspanningDe volgende tips helpen je om tijdens inspanning minder urine te verliezen.

Het is prachtig weer en daar wil je graag van genieten. Lekker fietsen, wandelen of wellicht een stuk hardlopen.

Allemaal heerlijk om te doen, maar als je last hebt van urineverlies geeft dat je de nodige zorgen.

Want wat nou als je straks moet plassen? Of zoveel urine verliest dat je doorlekt? Of dat anderen het ruiken of zien…

Genoeg redenen om niet te gaan… maar gelukkig heb jij besloten om WEL te gaan.

Je gaat voordat je weggaat voor de zekerheid nog maar even plassen.
En nog een keer.
Vooruit dan, nog een allerlaatste keer plassen.
Dan zal mijn blaas wel leeg zijn. Toch?

FOUT! Logisch gedacht maar zo werkt het niet!

Hoe vaker je gaat plassen, hoe meer de blaas overprikkeld raakt en hoe sneller je dus weer aandrang krijgt om te plassen.
En van al dat plassen raakt je bekkenbodem van slag, waardoor die minder goed werkt.
Met dus meer kans op urineverlies!

 

Tip 1:     1 x keer plassen is genoeg

Plas, voordat je weggaat, één keer goed.
Zorg dat je dan de tijd neemt en goed uitplast.
Zit goed rechtop, ontspan je buik en benen. Laat de plas vanzelf komen.
Na het plassen kantel je je bekken van voor naar achter om de blaas helemaal leeg te schommelen. En daarna span je je bekkenbodem nog een paar keer goed aan en laat je weer goed los.
Nu is je blaas leeg.
Je trekt je bekkenbodem weer in en staat op.

Zo. Klaar voor de wandeling, fietstocht of hardlooprondje.

Maar wat gebeurt er de eerste paar keren dat je deze tip toepast?!
In je hoofd schreeuwt een stemmetje dan wellicht: Dit kan toch niet werken… dit gaat vast mis!
Maar je bekkenbodem zegt: Heerlijk, fijn, dank je wel!
Nu kan ik doen wat ik moet doen.
Namelijk ondersteuning aan jou bieden.

Tip 2:   Voorspanning opbouwen

Het is heel prettig om, voordat je gaat inspannen, te zorgen dat de bekkenbodem een goede basisspanning heeft. Vooral voordat je gaat hardlopen werkt onderstaande oefening heel goed.

Is jouw basisspanning te laag waardoor je urine verliest, dan kan de volgende oefening je toch helpen om een goede basisspanning te creëren.bruggetje

Het bruggetje: kom op je rug liggen met gebogen knieën. Zet de voeten breed neer en laat je knieën naar buiten wijzen.
Trek je buik in en kantel je bekken (je onderrug wordt nu plat).
Til nu je billen op. Houd dit even vast.
Doe dit 5 x 10-20 sec.

Tijdens deze oefening spant de bekkenbodem vanzelf aan, waardoor je een goede spanning creëert.

Wil je het hardlopen gaan opbouwen, lees dan dit blog. Zowel voor problemen met urineverlies als verzakking zijn dit de ultieme tips om het hardlopen weer voor elkaar te krijgen.

Tip 3:    Train je bekkenbodemspieren

Bovenstaande tips gaan je zeker helpen, maar om echt van je urineverlies of verzakking af te komen is het verstandig om je bekkenbodemspieren ook te gaan trainen. Zorg dat je weer zeker wordt van je lichaam en je weer lekker kunt bewegen, rennen en dansen. Het trainen van je bekkenbodemspieren kan perfect met de online bekkentherapie.

 

Heb je vragen of reacties?
Schrijf ze in het commentaarveld hieronder.

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Succes! groet, Yildiz

bekkenbodem na de bevalling

EERST de bekkenbodem!

Ik kan het niet vaak genoeg zeggen:
EERST de bekkenbodem op orde brengen na de bevalling!

Ik zie helaas nog zo vaak problemen ontstaan of lang in stand gehouden worden door onvoldoende kracht in de bekkenbodem. En onvoldoende kennis bij collega’s over de bekkenbodem waardoor problemen niet herkend worden…

 

Net bevallen

Vorige week zag ik Jolanda, net twee weken bevallen van een zoon. Na een te lange wandeling (20-25 minuten) had ze overal klachten gekregen. Druk aan de onderkant, pijn in de liezen, in de stuit, bij de SI-gewrichten en de lage rug.

Gelukkig had ze de verloskundige gebeld en die adviseerde haar bij mij een afspraak te maken.

En ik kon haar het volgende uitleggen. Ze was te druk geweest (in de kraamweek veel bezoek, in de avonden bezoek) en toen die wandeling. Dat kon haar lichaam (de bekkenbodem!) gewoon nog niet aan. Daardoor waren alle spieren om de bekkenbodem heen (billen, liezen, lage rug) gaan helpen om de belasting op te vangen. Maar deze spieren zijn niet gemaakt om de stabiliteit van het bekken te verzorgen! Met veel pijn tot gevolg.

Behandeling

Ik heb haar uitleg gegeven over de oorzaak van haar klachten. We hebben over balans gepraat (groen-oranje-rood) en ik heb haar adviezen met betrekking tot rust gegeven. Dit zorgde ervoor dat ze de week erna klachtenvrij binnenkwam.

Maar ze had wel het besef dat ze de bekkenbodemspieren eerst moest gaan trainen. Want dat vindt ze nog erg lastig en ze kan de bekkenbodem nu maar kort aanspannen.

Uitleg dat dat niet raar is, drie weken na je bevalling, en dat ze gelukkig de bekkenbodemspieren voelt en dus kan gaan trainen, stelden haar gerust.

De opdracht voor de komende weken is:

  • Rust
  • In kleine stappen activiteiten opbouwen
  • Bekkenbodem op duurkracht oefenen

Ik zie haar weer over drie weken, met alle vertrouwen dat ze zich dan weer een stuk beter en sterker voelt.

Een andere route…

Hoe anders loopt het als je met je klachten naar iemand toegaat die geen kennis heeft over de bekkenbodem…
Dat laat helaas het volgende verhaal zien. Marleen had zich overbelast zo’n zes weken na haar bevalling. Ze had klachten gekregen van een zwaar gevoel van onder, pijn in de liezen, pijn in de stuit, SI-gewrichten en de lage rug. Ze kwam bij een therapeut terecht die naar het bekken keek en zag dat het scheef stond.

Daar gingen ze aan werken met manipulaties en krachtoefeningen. Helaas bleef het bekken maar scheef schieten. Maar uiteindelijk met sporten erbij (fitness) ging het toch beter. Tot ze aangaf urine te verliezen tijdens het sporten, en eigenlijk ook overdag… al best lang…

Gelukkig kwam ze toen bij mij terecht, maar inmiddels al wel negen maanden na haar bevalling. Deze periode na haar bevalling was gepaard gegaan met veel onzekerheid over haar lichaam en een lichte depressie…

Ook haar heb ik uitgelegd dat alles wat ze tot nu toe had gedaan niet kon aanslaan, omdat de echte stabiliteit – namelijk die vanuit de bekkenbodem – ontbrak.

Adviezen

De adviezen die ik haar heb gegeven zijn:

  • Wel doorgaan met sporten, maar op souplesse; geen zware gewichten en geen uitputting. Alleen maar lekker bewegen en binnen haar grenzen blijven
  • De bekkenbodemspieren leren voelen en versterken

Bij de bekkenbodemspieroefeningen zijn we constant alert dat er al een te hoge spierspanning is in de spieren rondom het bekken. Deze spieren hebben al die tijd te hard moeten aanspannen om de stabiliteit voor elkaar te krijgen.

Daarom oefenen we veel met de ademhaling. Maar wat vindt ze dát heerlijk! Even haar lichaam helemaal loslaten, haar lichaam dat al die tijd veel te hard aan het werk is geweest.

En ook bij Marleen komt het goed. Het is alleen zo jammer dat ze eerst zo’n traject moest afleggen.

 

Dus lieve allemaal, wees alert en zie hoe belangrijk de basis is: EERST de bekkenbodem na de bevalling!

Maak pas bevallen vrouwen attent op deze site, maar ook de vrouwen die al langer geleden bevallen zijn en nog met klachten lopen.

En beste collega’s: Vraag ALTIJD naar de bekkenbodem. Heb je last van urineverlies? Heb je wel eens last van een zwaar gevoel van onder : JA > stuur dan ook altijd door naar een bekkenbodemfysio of -oefentherapeut! (behandel desnoods beide als het probleem te complex is)

Herken jij jezelf in bovenstaande verhalen? Volg dan alsjeblieft de online bekkentraining, of ga naar een bekkenbodem fysio of -oefentherapeut bij jou in de buurt. Het zal je zo goed doen.

 

Heb je vragen of reacties?
Schrijf ze in het commentaarveld hieronder.

Hieronder staan van die mooie deelknoppen. Je kunt dan gemakkelijk dit blog delen met je vrienden op bijvoorbeeld facebook.

Succes! groet, Yildiz

plasdagboek“Hoeveel plas jij..? Zo, zeg!

Mag ik ook in die maatbeker plassen?” 

“Tuurlijk!” 

Zo ging de conversatie met mijn dochter toen ik een tijdje terug een plasdagboek moest bijhouden. Ik volgde een bekkenbodemcursus en een van de opdrachten was om zelf een plasdagboek in te vullen. Gewoon om te ervaren hoe dat is, en wellicht gaf het nog informatie als er klachten zouden zijn.

Ik had al wel eens eerder een plasdagboek bijgehouden maar dat was alweer een tijd terug.
En met een geïnteresseerde dochter erbij was het eigenlijk wel leuk om te doen :-)

Want ik had altijd wel het gevoel dat ik een prima plaspatroon had en (normaal) grote plassen, maar dat terugzien in een maatbeker vond ik toch wel grappig.

Het leuke vind ik ook dat ik nu met meer plezier een plasdagboek aan mijn patiënten meegeef: “Ja, het is even een gedoetje, maar eigenlijk ook best wel leuk, en vooral heel waardevol. En het helpt mij om jou betere adviezen te geven waardoor je sneller van je klachten af bent.”

Wat is een normale plas?

Overdag horen je plassen 350 tot 500 ml te zijn. In de ochtend kan je plas (veel) groter zijn. Zeker als je de hele nacht doorslaapt kun je in de ochtend gerust rond de 700 ml plassen.

Welke informatie haal je uit een plasdagboek?

Een te kleine blaas

Je ochtendplas is in principe het grootst. Als die maar 200 of 300 ml is en je overdag ook telkens maar 100 tot 200 ml plast (of nog minder) dan kun je er wel vanuit gaan dat je blaas kleiner geworden is. Een blaas kan kleiner worden als er (langere tijd) (te) vaak geplast wordt. Hij vult zich dan niet voldoende en wordt kleiner. Er kan steeds minder in met als gevolg dat je steeds sneller aandrang krijgt.

Soms zijn er ook andere oorzaken voor een kleine blaas of hoor ik terug dat iemand als kind ook al vaak moest plassen.

Je moet dan leren je plas wat langer op te houden (begin met twee minuten), zodat je je blaas traint om meer aan te kunnen (blaastraining). Na een tijdje vul je dan weer het plasdagboek in om te zien of er inderdaad meer inpast.

Een te grote blaas

Een te grote blaas komt ook voor. Doordat, bijvoorbeeld na een bevalling of operatie, het heel lang duurde voordat de eerste plas kwam. (Soms ligt de blaas niet goed, of is er een andere reden waardoor de plasbuis geen doorgang kan geven. Bij een operatie krijg je daarom vaak een katheter zodat de blaas op tijd geleegd kan worden).  De blaas kan dan overrekt worden, en dat is een lastig probleem omdat het vaak niet goed herstelt. De blaas geeft in dat geval pas heel laat een seintje dat hij vol is.

Wat voor informatie haal je nog meer uit een plasdagboek?

Omdat je naast je plas ook moet invullen hoeveel je drinkt, weet je aan het einde van de 24 uur of er ongeveer evenveel je lichaam in als uit is gegaan.

Een plasdagboek kan je ook laten zien dat er niks mis is met je plasgedrag. Of juist dat het overdag goed gaat, maar dat je ’s nachts heel veel kleine plassen hebt. Of ’s nachts juist hele grote plassen. Dan kan samenhangen met de medicatie die iemand gebruikt, of het tijdstip dat ze ingenomen worden.

Hoe vul je een plasdagboek in?

Wellicht denk je nu: “Ja, leuk! Ik heb altijd al willen weten hoeveel ik nou precies plas…” :-)

Of denk je: “Ik heb er niet zo’n zin in, maar het zou me wel heel veel informatie kunnen geven waardoor ik beter geholpen kan worden. Het zou me kunnen helpen van mijn plasproblemen af te komen en dan zou mijn kwaliteit van leven toch wel drastisch omhoog gaan.”

En twijfel je… dan weet je het: bij twijfel altijd doen!

Je vult het plasdagboek 24 uur in, en het liefste tweemaal 24 uur: een dag thuis en een dag op het werk.
Je houdt bij hoe laat je drinkt, hoeveel je drinkt, hoe laat je plast, hoeveel je plast, of je aandrang hebt en of je urine verloren bent.

Probeer als je in een maatbeker plast zo ontspannen mogelijk te zitten. Lukt dat niet goed? Dan kun je ook een pan in het toilet zetten, daarin plassen en het dan in de maatbeker gieten om de hoeveelheid af te lezen.

Plasdagboek

Hier kun je een plasdagboek vinden.

Veel succes met invullen!

 

Succes! groet, Yildiz